Bijna-doodervaring of bijnadoodervaring?


[?] Wat is juist: bijna-doodervaring of bijnadoodervaring?


[!] In de recentste woordenboeken en spellinggidsen, uit 2005 en later, staat bijna-doodervaring met een streepje.

Volgens de laatste spellingregels is bijna in samenstellingen een zogenoemd 'bijzonder voorvoegsel': het geeft de status van de rest van het woord aan (vergelijkbaar met voorvoegsels als interim-, oud- en niet-). In bijna-botsing, bijna-kabinetscrisis, bijna-ongeluk, bijna-ramp en bijna-stilstand hoort dan ook een streepje te staan.

De spelling bijna-doodervaring heeft een klein nadeel: het lijkt nu of het een samenstelling van bijna en doodervaring is, maar eigenlijk is bedoeld: 'een ervaring van bijna-dood zijn'. Dat komt in de voorgeschreven spelling niet goed tot uiting. Het zou eigenlijk beter zijn bijnadoodervaring aaneen te schrijven, maar dat zou dan wel een uitzondering zijn waar even over nagedacht moet worden, terwijl het om een subtiel betekenisverschil gaat. Daarom kiest het Witte Boekje (2006) ook voor bijna-doodervaring.

Verwante kwesties:

  • langeafstandsloper
  • grotestedenbeleid
  • oud-burgemeester