Evengoed of even goed?


[?] Wanneer schrijf je evengoed/even goed aaneen en wanneer los?


[!] Evengoed betekent 'evenzeer, met hetzelfde resultaat, met evenveel recht'. We gebruiken het in zinnen als ‘Zij is er evengoed bij geweest als haar vriendinnetje', 'Je kunt evengoed ophouden', 'Je kunt evengoed concluderen dat het onderzoek van grote waarde is.'

Even goed wordt altijd gevolgd door als en betekent 'in gelijke mate goed': 'Hij kan even goed tennissen als zijn oudere broer.'

Zie ook ons advies over tenminste/ten minste; daar staat ook een lijstje met andere moeilijke gevallen.