Siliconen borsten?
Wat is juist: siliconen borsten of siliconenborsten?
Juist is siliconenborsten. Het woord is een samenstelling van twee zelfstandige naamwoorden: silicone (een bepaalde kunststof) en borsten.
Op grond van de spellingregels in het Groene Boekje (2005) schrijven we in de samenstelling een tussen-n, omdat het eerste woord uitsluitend een meervoud heeft op -n: siliconen. Het Witte Boekje (2006) laat de tussen-n vrij. U zou dus ook siliconeborsten mogen schrijven. In de praktijk komt het meervoud siliconen echter veel vaker voor dan het enkelvoudige silicone. Alleen al daarom ligt siliconenborsten voor velen het meest voor de hand.
Siliconen lijkt in vorm wel wat op een stoffelijk bijvoeglijk naamwoord, zoals rubberen en zijden. Bijvoeglijke naamwoorden worden doorgaans niet aan het zelfstandig naamwoord vast geschreven (vergelijk rubberen dopje, zijden bloemen). Vandaar misschien dat siliconen borsten er niet zo vreemd uitziet. Maar de woordenboeken vermelden siliconen níét als een stoffelijk bijvoeglijk naamwoord, hoezeer het daar ook op lijkt. De schrijfwijze als twee losse woorden is dus niet goed te verdedigen. Aan de uitspraak is dit ook te horen: in woordgroepen, zoals rubberen dopje, zwart boek en zijden bloemen, krijgen steeds beide woorden een klemtoon, het tweede woord nog net iets meer dan het eerste. We zeggen echter niet [siliconen bórsten] maar [silicónenborsten], met alleen een klemtoon op siliconen. Dat betekent dat dit woord een samenstelling moet zijn; vergelijk ook de klemtoon in rubberdopje, zijdebloemen en zwartboek.
Zie ook de adviezen over rubber(en) boot, zijden bloemen, marsepeinen aardappeltjes, manchesterbroek en kunststoffen kozijnen.










