Wezen of zijn?


[?] Wat is juist: 'Het heeft zo moeten zijn' of 'Het heeft zo moeten wezen'?


[!] Het is allebei mogelijk; 'Het heeft zo moeten wezen' is informeler dan 'Het heeft zo moeten zijn.'

Wezen en zijn zijn synoniemen, maar ze kunnen niet in precies dezelfde situaties worden gebruikt.

Zijn wordt gebruikt:

Wezen is mogelijk:

Veel mensen hebben (op school of thuis) geleerd dat ze het werkwoord wezen niet mogen gebruiken. 'Wezen vind je in een weeshuis!', was de uitroep waarmee ze werden gecorrigeerd als ze het toch deden. Taalkundig is er echter geen reden om wezen af te keuren: het is een eeuwenoud werkwoord. Wel is wezen al lange tijd minder formeel dan zijn; in verzorgd-neutrale schrijftaal past zijn daardoor het best.

In zinnen als 'Hij is wezen wandelen' en 'Ik ben daar even wezen kijken' is zijn niet mogelijk. Wie wezen te informeel of te lelijk vindt, zal voor bijvoorbeeld 'Hij heeft een wandeling gemaakt' en 'Ik ben daar even gaan kijken' moeten kiezen.

Zijn is een jonger woord dan wezen. Al in het Vroegmiddelnederlands (dertiende eeuw) kwamen vormen van zijn en wezen door elkaar voor. Als meervoudige persoonsvorm is wezen verdrongen door zijn, maar als infinitief is het blijven bestaan.

De invloed van wezen is nog merkbaar in een aantal woorden:

Verwante kwesties:

  • wees/ben maar niet bang
  • wou(den)/wilde(n)