Het februari/maartnummer 2009 van Onze Taal opent met een artikel over de taal van de vriendensite Hyves. Hieronder alvast enkele passages, als voorproefje.



Balkenende op HyvesMaar liefst zeven miljoen Nederlanders zijn lid van de vriendensite Hyves. Wat voor taal wordt daar gebruikt? Waar komt die vandaan? En hoe verandert het online smoelenboek ons vocabulaire? 'We krabbelen!'

Ik voeg je toe!
De taal van Hyves

Arjen van Veelen

Toevoegen. Spotten. Respecteren. Profielfoto. Vriend. Krabbelen. Tikken. Het zijn woorden die na 2004 van betekenis zijn veranderd. In dat jaar werd de vriendensite Hyves gelanceerd. Inmiddels is dat een van 's lands meest bezochte websites. Bijna de helft van de Nederlanders is er actief, inclusief vele bekende Nederlanders, zoals premier Balkenende. Niet vreemd dus dat het werkwoord hyven werd opgenomen in de elektronische grote Van Dale, met als betekenisomschrijving "communiceren via het digitale vriendennetwerk Hyves". 'We hyven' is bijna even normaal geworden als 'we bellen'.

Voor wie de website niet kent: het is een zogeheten vriendensite, ook wel 'profielensite' genoemd, of 'social networking site'. Dat is een interactief smoelenboek, waar het draait om bekijken en bekeken worden. Je kunt er chatten en mailen met je vrienden. Je kunt foto's plaatsen en bekijken. Je kunt er zien wie een vriend is van wie. Je begint te hyven door een profiel (een persoonlijke pagina) aan te maken, en dan kun je "vrienden" gaan "uitnodigen". Je vrienden verschijnen in fotootjes van postzegelformaat op je profielpagina; ze vormen je belangrijkste publiek.

Kletsen en gluren zijn de voornaamste bezigheden op Hyves. De leden schrijven er per dag liefst drie miljoen "krabbels" (publieke berichtjes, die zichtbaar zijn op je profielpagina), vier miljoen privéberichten (e-mails) en drie miljoen "tikken" (mini-berichtjes). Bij elkaar zijn dat tien miljard woorden per maand, omgerekend ruim honderdduizend middelgrote romans.

Wie niet vertrouwd is met de specifieke Hyves-taal zal zich geregeld vragend achter de oren krabben – en zich misschien verbazen over het opmerkelijk creatieve taalgebruik dat er te vinden is.

(...)

Krabbelen

Speels, niet te zakelijk, ook niet te kinderachtig. Zo moet de toon zijn, vindt Hyves-oprichter Raymond Spanjar. Een voorbeeld van een succesvol, speels woord is krabbelen. Dat bestond natuurlijk al in het Nederlands ('haastig of onduidelijk schrijven'). Maar door Hyves kreeg het een nieuwe betekenis. Een krabbel is een publiek berichtje dat je achterlaat op iemands profiel. "Het komt van de term scraps op Orkut.com [een Engelstalige vriendensite – AvV]. De Nederlandse vertaling is bedacht door onze Macedonische programmeur Albena. We vonden die eigenlijk zó grappig dat we het hebben laten staan." Inmiddels zie je ook afgeleide woorden als videokrabbel of kerstkrabbel op Hyves. En sinds je ook kunt krabbelen met je mobieltje, kun je voicekrabbels achterlaten, in plaats van voicemails.

Het is nog niet zo simpel om speels te zijn. Vaak is het laveren tussen te klinisch en te flauw. Het woord kwekken, bijvoorbeeld, vond Spanjar bij nader inzien in de laatste categorie vallen. Dat is nu gewoon chatten. Het woord toevoegen klinkt weliswaar als programmeurstaal, maar was al ingeburgerd door bijvoorbeeld MSN Messenger of Hotmail, dus "makkelijk herkenbaar". De Hyves-toepassing van toevoegen (en ook van accepteren) kan grappig overkomen bij degenen die daar niet aan gewend zijn. Stel, Pietje nodigt Klaasje uit om vriend te worden. Dan krijgt Klaasje een mailtje: 'Pietje wil je toevoegen als vriend op Hyves! Klik hier om te accepteren of te weigeren.' Als het wederzijds is, krijgt Pietje het bericht: 'Klaasje heeft je geaccepteerd.' En kan Pietje Klaasje weer krabbelen: 'Thanks dat je me hebt geaccepteerd.'

Nieuwe woorden test Spanjar altijd uit, vaak bij de zogeheten 'Hyves Angels', het helpdeskteam van vijftien studentes. Die zijn iets jonger dan de oprichters en staan dicht bij de doelgroep. Zij bedachten ook het werkwoord tikken (wat weer lijkt op het Engelse poke op de netwerksite Facebook).

De rest van dit artikel kunt u lezen in het februari/maartnummer van Onze Taal.

Lid worden