Christenen herdenken met Pinksteren de neerdaling van de Heilige Geest op de apostelen. Volgens het Nieuwe Testament begonnen Paulus en de zijnen daarbij "in andere talen" of "in tongen" te spreken. Het spreken in tongen is ook vandaag nog een opvallend element in de pinksterbeweging. Hieronder een sterk verkorte versie van het artikel uit het meinummer (2002) over dit verschijnsel.
Spreken in tongen: trance of techniek?
Achtergrond en praktijk van 'tongentaal' in de pinksterbeweging
Jan Erik Grezel
"Spreken in tongen kun je niet plánnen", zegt Wim Breedveld, voorganger van een pinkstergemeente in Drenthe. "Maar bij een gebeds- en genezingsdienst heb je meer kans dat het gebeurt dan in een gewone samenkomst." Bij het spreken in tongen - ook wel 'glossolalie' genoemd - brengt iemand onbegrijpelijke, maar gestructureerde klankreeksen voort. In de pinksterbeweging is het een belangrijk fenomeen: men beschouwt het, overeenkomstig het Nieuwe Testament, als een gave van de geest - hét bewijs dat de spreker is bevangen door de Heilige Geest.
Bidden en zingen
Breedvelds 'Living Water Fellowship' huist in een voormalige tractorreparatieruimte op een industrieterrein in Assen. Op een zondagochtend zijn hier zo'n zestig mensen van alle leeftijden bijeengekomen. Het eerste deel van de tweeënhalf uur durende bijeenkomst wordt er veel omhelsd, gejubeld en gezongen. Aanvankelijk Engelse, dan Nederlandse liedjes. Het gezang vloeit uit in een gemeenschappelijke trance en velen beginnen voor zich uit te prevelen. Breedveld weeft er scanderend een gebed doorheen. Later is er de preek over beproeving en reiniging door zout en vuur. Aan het eind van de preek worden de aanwezigen uitgenodigd om 'naar voren' te komen. Tijdens een gecombineerd bidden en zingen ontstaat er opnieuw een sfeer van trance en extase. Elk lid murmelt zijn eigen tekst. Tongentaal? Deze massale vervoering lijkt hoe dan ook het ideale vehikel voor de gaven van de geest.
"Nee, dat is niet zo", zegt broeder Bert Woudwijk na de dienst. "Toen ik mensen voor het eerst in tongen hoorde spreken, dacht ik ook dat het in trance gebeurde. Maar ik kan een dienst meteen beginnen met een stukje tongentaal, nog voor er een noot muziek gemaakt wordt." Hoe gaat dat dan in zijn werk, vraagt de leek zich af. "Essentieel is dat je je onder leiding stelt van de Heilige Geest. Dat is een keuze die je maakt." Veel concreter kan hij het niet zeggen. Wel beaamt hij dat de techniek ook van belang is. "Er zit een leerelement in. De eerste keer wist ik niet wat me overkwam. Ik voelde me een beetje belachelijk, als een brabbelend kind. Maar naarmate je het vaker doet, raak je er bedrevener in."
Nan-ta-li-a-si-ni-koe-ni-a-san-ta
De theoloog Ronald Schouten was jarenlang een fervent aanhanger van de pinksterbeweging. Maar toen hij theologie ging studeren, begon ook de verwijdering van de magie van het spreken in tongen. "In het tweede jaar van mijn studie maakte ik kennis met het werk van Samarin. Deze linguïstische antropoloog heeft de tongentaal aan een analyse onderworpen. Hij ontdekte patronen en klankwisselingen met een min of meer vaste herhaling van consonanten. Ook trok hij lijnen naar kindertaal, kinderliedjes en muziek. Aan mijn bureau begon ik zelf mijn tongentaal op te schrijven. Ik was toen al zo geoefend dat ik me gemakkelijk kon laten gaan. Tot mijn grote verbazing kwam ik erachter dat ook mijn tongentaal voldeed aan de opbouw volgens Samarins theorie. Dat betekende voor mij dat het spreken in tongen geen bovennatuurlijke handeling was, maar een principe dat in elk mens aanwezig is en waar je hoogstens een geestelijke lading aan kon geven. Spreken in tongen bleek een meditatietechniek."
Schouten komt nu al jaren niet meer in de samenkomsten, maar beheerst de techniek nog steeds. "Zal ik een stukje voordoen? Koe-ri-o-sa-man-ta-ki-ri-e-tek-ki-ki-es-se-te-koe-koe-es-set." Uit zijn mond vloeit het als een vaste reeks. "Nee, het zijn wel dezelfde klanken, maar het wisselt. De eerste keer dat je het doet, lijkt het ook een kopie van wat je om je heen hoort. Maar het komt toch voor een belangrijk deel uit jezelf: nan-ta-li-a-si-ni-koe-ni-a-san-ta. Het is een techniek geworden, maar pinkstergelovigen zullen dat nooit zo ervaren. Zij hebben een sensationeel gevoel, dat ik dus niet meer heb. Het wordt veel thuis gepraktiseerd, in de binnenkamer, ook tijdens het gebed."
De trance-ervaring is bekend uit alle religies. Is spreken in tongen ook niet iets universeels, ook al staat het in de verschillende godsdiensten bekend onder een andere naam? Schouten: "In geen enkele godsdienstige beweging op de wereld wordt zo veel in tongen gesproken - of hoe je het ook noemen wilt - als in het christendom. Je hebt de laatste tien jaar een sterk opkomende evangelische beweging en daarin zitten ook charismatische elementen als die van de pinksterbeweging. Zelfs binnen de 'zwartekousenkerken' heb je groepen mensen die in tongen spreken en in profetie geloven. Het zijn minderheden, maar ze zijn er wel. In de gevestigde kerken wordt ook gebeden voor doop in de geest en wordt in tongen gesproken - alleen staan ze er daar niet bij te dansen en te springen."
Het artikel van Ronald Schouten, 'Glossolalie. Een literatuurstudie naar het spreken in tongen binnen de pinksterbeweging', vindt u hier.










