Achterin / achter in
Wat is juist: 'Het toilet is achterin de winkel' of 'Het toilet is achter in de winkel'?
Juist is 'Het toilet is achter in de winkel.'
Combinaties van twee voorzetsels, zoals achter( )in, onder( )op en boven( )aan, worden als twee losse woorden geschreven als:
- er (een combinatie met) een zelfstandig naamwoord achter staat: achter in het tijdschrift, onder op de stapel, boven aan de bladzijde;
- er een persoonlijk voornaamwoord (mij, jou, haar, hem, ons, jullie, hen) achter staat: 'De kat sprong uit de boom boven op mij.'
In andere gevallen zijn achterin, onderop enz. één woord. Bijvoorbeeld:
- Het artikel staat achterin.
- Het moet ergens onderop liggen.
- Hij heeft zijn naam bovenaan geschreven.
- Je plaats is achteraan.
- De kat sprong erbovenop.
- Leg het maar bovenin.
'Het toilet is achterin in de winkel' is trouwens ook mogelijk, maar wat omslachtiger.




