Print deze pagina

Woordgeslacht in woordenlijsten

Veel recente woordenboeken en spellinggidsen, waaronder het Groene Boekje, het Witte Boekje en de grote Van Dale, vermelden bij een heleboel zelfstandige naamwoorden alleen maar het lidwoord de, en geen woordgeslacht. Is het woord dan mannelijk of vrouwelijk?

Als in deze naslagwerken alleen het lidwoord de wordt vermeld, is het woord zowel mannelijk als vrouwelijk. Achter woorden die alleen mannelijk zijn, staat in het Groene Boekje en Van Dale "(m.)", bijvoorbeeld "stam, de (m.)". Voor vrouwelijke woorden wordt de afkorting "(v.)" gebruikt, zoals bij "kwaadheid, de (v.)".

Het woord bank ("bank, de") is een van de woorden die zowel mannelijk als vrouwelijk zijn, net als bloem, kin en stad. Deze woorden zijn van oorsprong vrouwelijk, maar werden in de loop der tijd steeds meer als mannelijk ervaren. In het Groene Boekje van 1954 werd bij deze woorden nog "v.(m.)" vermeld. In Vlaanderen worden deze woorden meestal nog als vrouwelijk beschouwd en bestaat er dus een voorkeur voor vrouwelijke verwijswoorden: de bank en haar medewerkers en de bloem, zij ligt op de grond. In Nederland wordt meestal voor een mannelijk verwijzing gekozen: de bank en zijn medewerkers en de bloem, hij ligt op de grond.

Volgens de leidraad van het vorige Groene Boekje (1995) zijn de volgende categorieën woorden zowel mannelijk als vrouwelijk:

  • "de meeste voorwerpsnamen die oorspronkelijk uitsluitend vrouwelijk waren: bank, kast, naald, pijp";
  • "algemene aardrijkskundige aanduidingen en namen van hemellichamen: stad, rivier, maan, ster";
  • "zelfstandig gebruikte bijvoeglijke naamwoorden en voltooide deelwoorden: zieke, blinde, betrokkene, gewonde";
  • "persoonsnamen die voor mannen en vrouwen kunnen worden gebruikt: baby, deugniet, arts, babbelkous".

Het Witte Boekje kiest ervoor om bij personen en dieren geen m of v meer te vermelden; het biologische geslacht gaat voor de meeste taalgebruikers toch boven het woordgeslacht. Zo staat er in het Witte Boekje alleen de, en geen (m) meer, bij woorden als bakker, gans, generaal, minister en terriër. De gedachte aan het biologische geslacht volstaat daar: gaat het over een vrouwelijke minister, dan is het de minister en haar staatssecretaris; gaat het over een mannelijke minister (of een niet nader aangeduide), dan is het de minister en zijn staatssecretaris.

Verwante adviezen

Trefwoorden

terug