Gaten in de taal

In de Onze Taal-rubriek 'Gaten in de taal' wordt gezocht naar woorden voor nieuwe of nog niet benoemde fenomenen in het Nederlands. De recentste oproep vindt u hieronder.

Oproep: gaten in familierelatienamen

Er zijn meer stiefouders, -broers, -oma's, enz. dan vroeger. Velen van hen willen van dat stief- af vanwege de negatieve associaties met dat woord. Maar wat moet er dan voor in de plaats komen? En kunnen wij eenzelfde onderscheid bedenken als de Engelsen maken tussen nephew/niece en cousin? Denk mee en vul de gaten in de familierelatienamen.

Er blijken gaten te zitten in onze aanduidingen van familierelaties. Zo bestaat er behoefte aan termen om nieuwe gezinssituaties te beschrijven die na scheidingen ontstaan. Het bekende stief- heeft nog steeds een negatieve bijklank, en dat vinden de betrokkenen vervelend. In plaats van stief- zijn plus-, bonus-, cadeau-, lease- en reserve- voorgesteld. Wat is het beste alternatief, of is er nog iets anders te bedenken? Zijn deze alternatieven ook bruikbaar voor een opa of oma, die dan het kind dat een nieuwe schoonzoon meebrengt uit een eerdere relatie bijvoorbeeld cadeaukleinkind noemen?

Maar ook lang bestaande familierelaties komen er in het Nederlands karig vanaf. Zo beschikken de Engelsen over de term sibling en de Duitsers over Geschwister voor 'broers en zussen' – is brusjes een Nederlands equivalent, of is dat te veel hulpverlenersjargon? En is brussen dan bruikbaar voor volwassen mensen?

Het zou ook handig zijn als je de neven/nichten die de kinderen zijn van je broer/zus kunt onderscheiden van de neven/nichten die kinderen zijn van je oom/tante. Het Engels heeft hiervoor nephew/niece respectievelijk cousin. Zolang de kinderen van je broers en zussen klein zijn, kun je hen aanduiden met neefje/nichtje en ze zo onderscheiden van neef/nicht (de kinderen van ooms en tantes). Maar neefjes en nichtjes worden onvermijdelijk ook volwassen neven en nichten. Er komen in Van Dale wel termen voor als een volle neef/nicht ('de zoon/dochter van een eigen broer of zuster') en een halve neef/nicht ('een afstammeling van de volle neef/nicht'), maar die zijn in het dagelijks taalgebruik niet gangbaar.

Hebt u een goed alternatief voor een van de nieuwe of oude relaties die hierboven zijn beschreven of zoekt u een woord voor een andere familierelatie, laat het ons dan weten. U kunt uw alternatief of 'familietaalgat' tot 26 april insturen. In het juninummer bekijken we hoeveel gaten er gevuld kunnen worden en hoeveel nieuwe gaten 'ontdekt' zijn.

Eerdere oproepen en een verslag van de reacties daarop vindt u in de papieren of de digitale editie van Onze Taal.