blz. 1 van 5
Grammatica
1. Hoe groot is de kans dat over 75 jaar ...
| ... groter dan ik helemaal is vervangen door groter als mij? hij is groter als mij |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
|
... alle sterke werkwoorden zwak zijn geworden? loopte, slaapte, enz. |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
|
... de bijzinsvolgorde is verdwenen? ik denk ik mag hem wel |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
|
... hun hebben standaardtaal is geworden? hun hebben de wedstrijd gewonnen |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
|
... alle zinnen met een hulpwerkwoord worden gevormd? ik ging helpen (i.p.v. ik hielp), ik zal komen (i.p.v. ik kom), doe jij stofzuigen? (i.p.v. stofzuig jij?) |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
|
... het verwijswoord dat is verdwenen? het meisje die, het boek die |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
|
... bijvoeglijke naamwoorden altijd worden verbogen? een mooie huis, een leuke tijdschrift |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
|
... het lidwoord het is verdwenen? de huis, de nieuws |
grote kans | zou kunnen | kleine kans |
| 2. Hoe erg zou het zijn als de grammatica eenvoudiger werd? (minder verbuigingen, minder sterke werkwoorden, minder uitzonderingen, enz.) |
heel erg jammer | beetje jammer | geen moeite mee | erg prettig juist |