Lange volzinnen kunnen heel mooi zijn, maar als het om snelle communicatie gaat, korten we de dingen die we zeggen en schrijven liever in. En soms flink ook: denk maar aan whatsappberichtjes vol afkortingen en emoticons, denk aan krantenkoppen en contactadvertenties - maar denk ook aan de beruchte half ingeslikte woorden en zinnen van voormalig premier Balkenende.

In zijn boek Korterlands laat taalkundige Hans Bennis zien hoe we bij dat inkorten te werk gaan. Het opvallende daarbij is dit: we verkorten woorden en zinnen niet op een willekeurige manier. Het 'Korterlands' is niet het gevolg van taalanarchie, maar vertoont allerlei regelmaat.

U kunt hier nu alvast twee hoofdstukken - de inleiding en het hoofdstuk over whatsapptaal - lezen uit Korterlands, dat op 1 mei verschijnt. Het boek is te koop in onze taalboekenwebwinkel.

In 2011 gaf Hans Bennis een lezing over dit onderwerp op het congres van Onze Taal - die is hier te lezen. Een gefilmd interview met de auteur over dit boek is te bekijken bij Neder-L.

Hans Bennis (1951) is directeur van het Meertens Instituut van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en hoogleraar taalvariatie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij heeft veel gepubliceerd over de syntaxis van het Nederlands en over taalvariatie.

 

[Raymond Noë]