Waar komt buiten westen raken vandaan?

Wie buiten westen raakt, verliest zijn bewustzijn; hij valt flauw.

Deze zegswijze is afkomstig uit de zeevaart. Het Groot Uitdrukkingenwoordenboek van Van Dale (2006) vermeldt: "Bevreesd voor de verraderlijke zandbanken voor onze kust, kozen schippers, als er slecht weer op komst was, soms uit voorzorg een route ver ten westen van de normale koers. Overdreef men daarbij echter, dan raakte het schip 'buiten westen', ver van de normale westelijke route."

Volgens F.A. Stoett komt buiten west(en) zijn al sinds de zestiende eeuw als zegswijze voor. Het Woordenboek der Nederlandsche Taal vermeldt: "Buiten westen zijn, worden, raken (...). Afgeleid van de eigenlijke betekenis: bij onzekerheid van bestek in westelijke richting ver uit den koers zijn (...). Vergelijk de zinverwante uitdrukkingen van de kaart, van streek [streek betekent hier eigenlijk 'koers'], den koers kwijt zijn." Of er in van de kaart zijn werkelijk sprake is van een synoniem van koers, is volgens de hedendaagse spreekwoordenboeken nog maar de vraag; deze zegswijze kan ook teruggaan op het kaartspel.

Hoe de betekenisontwikkeling van buiten westen – van 'uit de koers' naar 'buiten bewustzijn' – is verlopen, wordt helaas nergens beschreven.