Waar komt 'Een zondagse steek houdt geen week' vandaan en wat wordt ermee bedoeld?

Met 'Een zondagse steek houdt geen week' wordt bedoeld dat je de zondag als rustdag in ere moet houden en dus niet moet werken. Als je tóch op zondag werkt, zal dat werk slecht uitpakken - dat is dan je straf. Varianten van dit spreekwoord zijn 'Zondagssteek zit/houdt/duurt geen week.'

Volgens de Bijbel heeft God bij de schepping de wekelijkse rustdag ingesteld. Van oorsprong was dit de zaterdag (de sabbat); in het christendom werd het de zondag. Op die dag kan de mens uitrusten van zijn dagelijkse werk. Vroeger was zondagsrust een algemeen bekend begrip: het wilde zeggen dat je op deze dag geen doordeweekse bezigheden deed. Voor sommige mensen geldt dit voorschrift nog steeds; er bestaat zelfs een Nederlandse Vereniging tot bevordering van de Zondagsrust en de Zondagsheiliging.

Met de steek in dit spreekwoord is een naai- of breisteek bedoeld. Het spreekwoord is dus eigenlijk een waarschuwing om op zondag niet te naaien of te breien. Dat soort werk verrichten op zondag was namelijk ongepast. In het spreekwoordenboek van Ter Laan uit 1929 staat dat het een "waarschuwing aan de ijverige huisvrouw [is], die op Zondag nog gauw een steekje naait". 

In het tijdschrift de Navorscher (47ste jaargang, 1897) staat: "Nog steeds geldt de Zondag, zij het al in mindere mate dan vroeger, voor een gelukkigen dag; de uitdrukking Zondagskinderen, voor menschen, wien alles in de wereld meeloopt, herinnert aan het oude volksgeloof, volgens hetwelk kinderen, die op een Zondag geboren worden, gelukskinderen zijn. Maar arbeid, op dien dag ondernomen, brengt geen zegen: 'Het vaart al kwalijk [het gaat allemaal mis], wat enen des Zondags spint'; 'Een Zondagssteek duurt geen week'; 'Zondagswerk duurt maar een dag'; 'Boomen, die men des Zondags snoeit, sterven.'"