Waar komt de uitdrukking iemand de wacht aanzeggen vandaan?
 

Iemand de wacht aanzeggen betekent 'iemand een ernstige waarschuwing geven door ergens mee te dreigen'. Er is meestal sprake van een laatste waarschuwing: de ander moet zijn leven beteren; doet hij dat niet, dan zullen de gevolgen ernstig zijn. Iemand de wacht aanzeggen kan dus bijvoorbeeld neerkomen op 'dreigen iemand te ontslaan' of in het algemeen 'iemand eruit zetten', of 'dreigen het contact met iemand te verbreken'.

De wacht aanzeggen had oorspronkelijk betrekking op een schutter die op wacht moest gaan staan, aldus het Groot Uitdrukkingenwoordenboek van Van Dale (2006). Het betekende niet meer dan 'een schutter laten weten dat het zijn beurt is om de wacht te betrekken'. Volgens het Woordenboek der Nederlandsche Taal kreeg iemand de wacht aanzeggen vervolgens de betekenissen: "iemand dreigend aan zijn taak, zijn plicht herinneren, iemand iets op het hart drukken, zeggen waar het op staat, vermanen".

Iemand de wacht aanzeggen ontwikkelde zich van een gewoon bevel dus steeds meer tot een onheilspellend dreigement. Tegenwoordig kan een zin als 'Duizenden ambtenaren wordt de wacht aangezegd' zelfs betekenen dat duizenden ambtenaren ontslagen zullen wórden – er is dan geen sprake meer van een dreigend ontslag.