Wanneer zetten we een komma voor het voegwoord dat?

Voor het voegwoord dat zetten we over het algemeen geen komma: 'Het is zeker dat zij naar Leeuwarden verhuist', 'Ik dacht dat je ook zou komen', 'Je zag aan de bomen dat de winter in aantocht was', 'Ik heb nooit beweerd dat ik het leuk vond.'

Als we bij het (voor)lezen van een zin een duidelijke rustpauze horen voor dat, is het overigens goed om deze komma ook te schrijven. Dit is bijvoorbeeld het geval als de zin voor dat heel erg lang is: 'Ik heb er jaren geleden in het bijzijn van collega's, vrienden en familie al eens op gezinspeeld, dat ik in de toekomst naar het buitenland hoop te verhuizen.'

In een zin als 'Het huis(,) dat je daar ziet, kost een miljoen' is dat geen voegwoord, maar een betrekkelijk voornaamwoord.