Waar komt de uitdrukking iemand lik op stuk geven vandaan?

Iemand lik op stuk geven betekent 'iemand meteen van repliek dienen', 'een onmiddellijke en afdoende reactie geven'.

De herkomst van deze uitdrukking is niet helemaal zeker. In het Etymologisch woordenboek van Van Dale staat dat lik op stuk na 1950 is ontstaan, en vermoedelijk een verkorting is van een lik uit de pan krijgen, dat weer een variant is van een veeg uit de pan krijgen ('zijn deel krijgen, een schimpscheut ontvangen'). Stuk in lik op stuk zou de oorspronkelijke betekenis 'zaak, punt, daad' hebben. Lik op stuk betekende dus waarschijnlijk letterlijk 'onmiddellijke, rake reactie op een bepaalde daad'.

Wat voor deze verklaring pleit, is dat lik in de betekenis 'onmiddellijke (re)actie' in het Woordenboek der Nederlandsche Taal ook voorkomt in de verbindingen met lik en op een lik ('in een ommezien, onmiddellijk').

Het Junior Spreekwoordenboek van Van Dale oppert nog dat lik in lik op stuk 'gevangenis' zou betekenen, en stuk 'boevenstuk'. De andere naslagwerken noemen deze herkomst echter helemaal niet. Lik in de betekenis 'gevangenis' gaat via het Rotwelsche Leck overigens terug op het Duitse Loch ('gat, krocht').