Waar komt de uitdrukking schitteren door afwezigheid vandaan en wat wordt ermee bedoeld?

Als van iemand wordt gezegd dat hij/zij schittert door afwezigheid, wordt bedoeld dat hij/zij niet aanwezig is terwijl dat wél verwacht werd. De afwezigheid van deze persoon valt dus op. Schitteren door afwezigheid heeft vaak een spottend-ironische bijbetekenis ('en wie durfden er niet te komen ...', 'en wie namen niet de moeite te komen ...').

Deze uitdrukking gaat terug op een tekst van de Romeinse schrijver Tacitus, die in zijn Annales de begrafenis van Junia beschrijft. Junia was de vrouw van Cassius en de zus van Brutus. Deze beide mannen waren betrokken bij de moord op Caesar in 44 v.Chr. Tijdens de begrafenis van Junia (die jaren later plaatsvond), werden de portretten van allerlei voorname families en verwanten voor de lijkbaar uit gedragen, maar het viel op dat de portretten van Cassius en Brutus ontbraken. Tacitus schrijft: "Maar Cassius en Brutus vielen in het oog, eenvoudig doordat hun afbeeldingen niet te zien waren." De Franse schrijver Joseph Chénier (1764-1811) vertaalde deze zin in zijn treurspel Tibère als: "Brutus et Cassius brillaient par leur absence." De Nederlandse uitdrukking schitteren door afwezigheid is hier een vertaling van.

Het Duits en het Engels kennen de uitdrukking ook: durch Abwesenheit glänzen; to be conspicuous ('opvallend') by one's absence.