Engelse werkwoorden in het Nederlands
Werkwoorden die geleend zijn uit het Engels, worden vervoegd volgens de Nederlandse regels. Soms gaat dat zonder al te veel problemen, maar soms is het resultaat ronduit lelijk. Toch wordt ook dan vastgehouden aan het Nederlandse systeem. Hieronder wordt de vervoeging besproken van de meestvoorkomende typen Engelse werkwoorden. Daaronder vindt u een lijst met ruim duizend werkwoorden en hun vervoeging. > Snel naar de lijst
Kanttekening: In het Nederlands worden duizenden Engelse woorden gebruikt. Ze worden lang niet altijd direct goed begrepen, en zorgen ook vaak voor ergernis. Zoals uit de lijst hieronder blijkt, zijn veel uit het Engels geleende werkwoorden voorbeelden van vaktaal (uit de sport, ict, techniek, enz.). In algemene teksten is een omschrijving of Nederlands alternatief vaak duidelijker. Daarmee voorkomt u bovendien eventuele ergernis over het (klakkeloze) gebruik van Engelse woorden in het Nederlands.
Zie ook het Dossier Verengelsing van Onze Taal.
Het type faxen - faxt - faxte - gefaxt
Werkwoorden van het type faxen zijn geheel vergelijkbaar met een Nederlands werkwoord als beheksen. Het is ik beheks - jij/hij behekst - behekste - behekst en dus ook ik fax - jij/hij faxt - faxte - gefaxt. Vormen als jij faxed of jij hebt gefaxed zijn nooit juist. Dezelfde vervoeging krijgt bijvoorbeeld brunchen (vergelijkbaar met dansen). Net zoals het ik dans - jij/hij danst - danste - gedanst is, is het ik brunch - jij/hij bruncht - brunchte - gebruncht. Vergelijk ook coachen - ik coach - jij/hij coacht - coachte - gecoacht en smashen - ik smash - jij/hij smasht - smashte - gesmasht. Dus: hoe de [s]-klank wordt gespeld en uitgesproken in het Engels doet er niet toe; de vervoegings-t's worden volgens het Nederlandse systeem toegevoegd. Het ezelsbruggetje van 't kofschip (dat helpt bij het afleiden van de juiste verledentijdsvorm) is op dit type werkwoorden van toepassing.
Het type racen - racet - racete - geracet
Dit type is vergelijkbaar met het vorige type, alleen is er nu een extra e in de vervoegingen nodig (race is de stam). Hij ract is niet goed herkenbaar en wordt ook niet goed uitgesproken. Vandaar dat de vervoeging is: ik race - jij/hij racet - racete - geracet. Nog een voorbeeld: freelancen - ik freelance - jij/hij freelancet - freelancete - gefreelancet. Ook hier wordt uitgegaan van de [s]-klank; 't kofschip is van toepassing op de verledentijdsvormen.
Het type spammen - spamt - spamde - gespamd
Dit type is vergelijkbaar met remmen. Net zoals het ik rem - jij/hij remt - remde - geremd is, is het ik spam - jij/hij spamt - spamde - gespamd. En net zoals het is antwoorden - ik antwoord - jij/hij antwoordt - antwoordde - geantwoord, is het downloaden - ik download - jij/hij downloadt - downloadde - gedownload.
Het type timen - timet - timede - getimed
Dit type is vergelijkbaar met spammen, maar nu is er weer een extra e nodig. Jij timt is immers niet duidelijk. Daarom is het timen - ik time - jij/hij timet - timede - getimed.
Let ook op werkwoorden op -izen en -isen, zoals socializen en webvertisen. Ook hier is een extra e nodig in de vervoeging. Het is ik socialize - jij/hij socializet - socializede - gesocialized en ik webvertise - jij/hij webvertiset - webvertisede - gewebvertised. Er is een [z] hoorbaar, en geen [s], en in de vervoegingen van de verleden tijd verschijnt daarom een d.
Lijst met Engelse werkwoorden
Hieronder staat een lijst met ruim duizend Engelse leenwerkwoorden en hun juiste vervoegingen. We hebben geprobeerd zo veel mogelijk woorden op te sporen; ook minder gebruikelijke. Er staat telkens een betekenis achter en/of een Nederlands alternatief. Waar het Witte Boekje en de officiële spelling (het Groene Boekje/Van Dale) van elkaar verschillen, wordt dat aangegeven.
Zit het Engelse werkwoord dat u zoekt er niet bij? Mail dit dan naar de Taaladviesdienst.
begin A b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis/ alternatief | onvoltooid tegenwoordige tijd | onvoltooid verleden tijd | voltooid deelwoord |
| aanloggen | zich aanmelden bij een netwerk via de computer | ik log aan, jij/hij logt aan | jij/hij logde aan | aangelogd |
| aanswitchen | aanzetten | ik switch aan, jij/hij switcht aan | jij/hij switchte aan | aangeswitcht |
| accessen | toegang krijgen tot (een bestand) | ik access, jij/hij accesst | jij/hij accesste | geaccesst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik acces, jij/hij accest | jij/hij acceste | geaccest | |
| acen | een ace slaan | ik ace, jij/hij acet | jij/hij acete | geacet |
| acroturnen | acrobatische turnoefeningen doen | ik acroturn, jij/hij acroturnt | jij/hij acroturnde | geacroturnd |
| acten | optreden; fungeren | ik act, jij/hij act | jij/hij actte | geact |
| advancen | vooruitgaan; promoten | ik advance, jij/hij advancet | jij/hij advancete | geadvancet |
| advertisen | adverteren | ik advertise, jij/hij advertiset | jij/hij advertisede | geadvertised |
| aerobiccen | oefeningen doen op (disco)muziek | ik aerobic, jij/hij aerobict | jij/hij aerobicte | geaerobict |
| afbitchen | afsnauwen | ik bitch af, jij/hij bitcht af | jij/hij bitchte af | afgebitcht |
| afchecken | controleren; nalopen aan de hand van een lijst | ik check af, jij/hij checkt af | jij/hij checkte af | afgecheckt |
| afkicken | van een verslaving afkomen of proberen af te komen | ik kick af, jij/hij kickt af | jij/hij kickte af | afgekickt |
| afloggen | zich afmelden bij een netwerk via de computer | ik log af, jij/hij logt af | jij/hij logde af | afgelogd |
| afmixen | samenvoegen tot de definitieve mix | ik mix af, jij/hij mixt af | jij/hij mixte af | afgemixt |
| aftanken | de brandstoftank helemaal volgooien | ik tank af, jij/hij tankt af | jij/hij tankte af | afgetankt |
| aftapen | afplakken | ik tape af, jij/hij tapet af | jij/hij tapete af | afgetapet |
| afteren | naar een afterparty gaan | ik after, jij/hij aftert | jij/hij afterde | geafterd |
| aftesten | na een test afkeuren | ik test af, jij/hij test af | jij/hij testte af | afgetest |
| aftrainen | trainingsintensiteit geleidelijk afbouwen | ik train af, jij/hij traint af | jij/hij trainde af | afgetraind |
| airboarden | zich voortbewegen op een soort opblaasbare slee of staande op een luchtkussenvoertuig dat de vorm heeft van een plank | ik airboard, jij/hij airboardt | jij/hij airboardde | geairboard |
| airbrushen | kleuren met een verfpistool | ik airbrush, jij/hij airbrusht | jij/hij airbrushte | geairbrusht |
| alerten | attenderen | ik alert, jij/hij alert | jij/hij alertte | gealert |
| allrounden | veelzijdig zijn; (bij schaatsen) deelnemen aan wedstrijden over zowel korte als lange afstanden | ik allround, jij/hij allroundt | jij/hij allroundde | geallround |
| ambushmarketen | verkoopevenementen houden op plaatsen waar de doelgroep komt | ik ambushmarket, jij/hij ambushmarket | jij/hij ambushmarkette | geambushmarket |
| appealen | een beroep doen op | ik appeal, jij/hij appealt | jij/hij appealde | geappeald |
| appeasen | zoethouden; conflicten vermijden | ik appease, jij/hij appeast | jij/hij appeasde/ appeaste | geappeasd/ geappeast |
| In de officiële spelling: | ik appease, jij/hij appeaset | jij/hij appeasede/ appeasete | geappeased/ geappeaset | |
| aquafitnessen | gymnastische oefeningen in het water doen | ik aquafitness, jij/hij aquafitnesst | jij/hij aquafitnesste | geaquafitnesst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik aquafitnes, jij/hij aquafitnest | jij/hij aquafitneste | geaquafitnest | |
| aquajoggen | loopoefeningen in het water doen | ik aquajog, jij/hij aquajogt | jij/hij aquajogde | geaquajogd |
| aquaplanen | slippen; waterskiën | ik aquaplane, jij/hij aquaplanet | jij/hij aquaplanede | geaquaplaned |
| aquarobiccen | aan lichaamsbeweging doen in het water | ik aquarobic, jij/hij aquarobict | jij/hij aquarobicte | geaquarobict |
| assemblen | in elkaar zetten; omzetten in binaire taal | ik assemble, jij/hij assemblet | jij/hij assemblede | geassembled |
| assisten | een medespeler de bal toespelen zodat hij kan scoren | ik assist, jij/hij assist | jij/hij assistte | geassist |
| atb'en | mountainbiken | ik atb, jij/hij atb't | jij/hij atb'de | ge-atb'd |
| atkinsen | het dieet van Atkins volgen | ik atkins, jij/hij atkinst | jij/hij atkinste | geatkinst |
| attachen | aanhechten, bijvoegen | ik attach, jij/hij attacht | jij/hij attachte | geattacht |
| audiofucken | audiobestanden manipuleren | ik audiofuck, jij/hij audiofuckt | jij/hij audiofuckte | geaudiofuckt |
| auditen | de organisatie van een bedrijf kritisch doorlichten | ik audit, jij/hij audit | jij/hij auditte | geaudit |
| autocrossen | deelnemen aan een terreinwedstrijd voor auto's | ik autocross, jij/hij autocrosst | jij/hij autocrosste | geautocrosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik autocros, jij/hij autocrost | jij/hij autocroste | geautocrost | |
| autodaten | een auto delen | ik autodate, jij/hij autodatet | jij/hij autodatete | geautodatet |
| autodialen | automatisch contact maken | ik autodial, jij/hij autodialt | jij/hij autodialde | geautodiald |
| autoracen | meedoen aan een snelheidswedstrijd voor auto's | ik autorace, jij/hij autoracet | jij/hij autoracete | geautoracet |
begin a B c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
/strongtd ik bitmap, jij/hij bitmapttr jij/hij blendde
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| babysitten | oppassen | ik babysit, jij/hij babysit | jij/hij babysitte | gebabysit |
| backbouncen | terugsturen | ik backbounce, jij/hij backbouncet | jij/hij backbouncete | gebackbouncet |
| backcasten | terugredeneren vanuit de toekomst | ik backcast, jij/hij backcast | jij/hij backcastte | gebackcast |
| backen | als back spelen; steun geven; muzikaal begeleiden | ik back, jij/hij backt | jij/hij backte | gebackt |
| backfiren | een averechts effect hebben | iets/het backfiret | iets/het backfirede | gebackfired |
| backflippen | een salto achterover maken; een URL in een persoonlijk profiel opslaan | ik backflip, jij/hij backflipt | jij/hij backflipte | gebackflipt |
| backloaden | afhandelen | ik backload, jij/hij backloadt | jij/hij backloadde | gebackload |
| backmasken | boodschappen zo verbergen op muziekdragers dat ze alleen achterstevoren afgespeeld te horen zijn | ik backmask, jij/hij backmaskt | jij/hij backmaskte | gebackmaskt |
| backpacken | met een rugzak reizen | ik backpack, jij/hij backpackt | jij/hij backpackte | gebackpackt |
| backspacen | de laatst getypte tekens wissen | ik backspace, jij/hij backspacet | jij/hij backspacete | gebackspacet |
| backspinnen | terugwaarts draaien | ik backspin, jij/hij backspint | jij/hij backspinde | gebackspind |
| backtracken | terugbladeren | ik backtrack, jij/hij backtrackt | jij/hij backtrackte | gebacktrackt |
| back-uppen | een reservekopie maken | ik back-up, jij/hij back-upt | jij/hij back-upte | geback-upt |
| badgen | van een badge voorzien | ik badge, jij/hij badget | jij/hij badgete/ badgede | gebadget/ gebadged |
| badmintonnen | badminton spelen | ik badminton, jij/hij badmintont | jij/hij badmintonde | gebadmintond |
| bandyen | een soort van ijshockey beoefenen | ik bandy, jij/hij bandyt | jij/hij bandyde | gebandyd |
| bankswitchen | tussen geheugenbanken schakelen | ik bankswitch, jij/hij bankswitcht | jij/hij bankswitchte | gebankswitcht |
| bannen | toegang tot een internetforum o.i.d. verbieden | ik ban, jij bant | jij/hij bande | geband |
| barbecuen | vlees roosteren | ik barbecue, jij/hij barbecuet | jij/hij barbecuede | gebarbecued |
| In de officiële spelling: barbecueën | ik barbecue, jij/hij barbecuet | jij/hij barbecuede | gebarbecued | |
| barebacken | anale seks hebben zonder condoom | ik bareback, jij/hij barebackt | jij/hij barebackte | gebarebackt |
| bargainhunten | koopjesjagen | ik bargainhunt, jij/hij bargainhunt | jij/hij bargainhuntte | gebargainhunt |
| barteren | ruilhandel bedrijven | ik barter, jij/hij bartert | jij/hij barterde | gebarterd |
| baseballen | honkballen | ik baseball, jij/hij baseballt | jij/hij baseballde | gebaseballd |
| basejumpen | parachutespringen vanaf een hoog gebouw | ik basejump, jij/hij basejumpt | jij/hij basejumpte | gebasejumpt |
| basen | gekookte cocaïne roken | ik base, jij/hij baset | jij/hij basede | gebased |
| bashen | de grond in boren | ik bash, jij/hij basht | jij/hij bashte | gebasht |
| basketballen | basketbal spelen | ik basketbal, jij/hij basketbalt | jij/hij basketbalde | gebasketbald |
| batchen | groeperen; pakketteren | ik batch, jij/hij batcht | jij/hij batchte | gebatcht |
| battlen | vechten, met name schijnvechten op hiphopmuziek | ik battle, jij/hij battlet | jij/hij battlede | gebattled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: battelen | ik battel, jij/hij battelt | jij/hij battelde | gebatteld | |
| batten | de bal slaan bij cricket | ik bat, jij/hij bat | jij/hij batte | gebat |
| bbq'en | barbecuen | ik bbq, jij/hij bbq't | jij/hij bbq'de | ge-bbq'd |
| bcc'en | een 'onzichtbare' kopie van een mail sturen | ik bcc, jij/hij bcc't | jij/hij bcc'de | ge-bcc'd |
| beachen | strandvolleybal spelen | ik beach, jij/hij beacht | jij/hij beachte | gebeacht |
| beachsocceren | strandvoetballen | ik beachsoccer, jij/hij beachsoccert | jij/hij beachsoccerde | gebeachsoccerd |
| beachvolleyballen | strandvolleybal spelen | ik beachvolleybal, jij/hij beachvolleybalt | jij/hij beachvolleybalde | gebeachvolleybald |
| beachvolleyen | strandvolleybal spelen | ik beachvolley, jij/hij beachvolleyt | jij/hij beachvolleyde | gebeachvolleyd |
| beamen | uitstralen; projecteren (met een beamer) | ik beam, jij/hij beamt | jij/hij beamde | gebeamd |
| beatboxen | muziek maken met behulp van een drummachine | ik beatbox, jij/hij beatboxt | jij/hij beatboxte | gebeatboxt |
| beatdancen | dansen op beatmuziek | ik beatdance, jij/hij beatdancet | jij/hij beatdancete | gebeatdancet |
| beaten | een speciaal begeleidingsritme maken | ik beat, jij/hij beat | jij/hij beatte | gebeat |
| beatjugglen | scratchen op de beat van de muziek | ik beatjuggle, jij/hij beatjugglet | jij/hij beatjugglede | gebeatjuggled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: beatjuggelen | ik beatjuggel, jij/hij beatjuggelt | jij/hij beatjuggelde | gebeatjuggeld | |
| beboppen | dansen op bebopmuziek | ik bebop, jij/hij bebopt | jij/hij bebopte | gebebopt |
| benchmarken | prestaties vergelijken | ik benchmark, jij/hij benchmarkt | jij/hij benchmarkte | gebenchmarkt |
| biken | fietsen | ik bike, jij/hij biket | jij/hij bikete | gebiket |
| bikepoolen | samen fietsen in verband met de veiligheid | ik bikepool, jij/hij bikepoolt | jij/hij bikepoolde | gebikepoold |
| billboarden | adverteren op billboards; sponsors vermelden | ik billboard, jij/hij billboardt | jij/hij billboardde | gebillboard |
| billen | in rekening brengen | ik bill, jij/hij billt | jij/hij billde | gebilld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik bil, jij/hij bilt | jij/hij bilde | gebild | |
| bingen | opzoeken met de zoekmachine Bing | ik bing, jij/hij bingt | jij/hij bingde | gebingd |
| bingoën | bingo spelen | ik bingo, jij/hij bingoot | jij/hij bingode | gebingood |
| birdwatchen | vogels observeren, vogelen | ik birdwatch, jij/hij birdwatcht | jij/hij birdwatchte | gebirdwatcht |
| bitchen | snauwen, katten | ik bitch, jij/hij bitcht | jij/hij bitchte | gebitcht |
| bitchslappen | iemand die buiten zinnen is slaan of anderszins tot de orde roepen | ik bitchslap, jij/hij bitchslapt | jij/hij bitchslapte | gebitchslapt |
| bitmappen | een afbeelding als bitmap opslaan | ik bitmap, jij/hij bitmapt | jij/hij bitmapte | gebitmapt |
| bittorrenten | gegevens uitwisselen via internet | ik bittorrent, jij/hij bittorrent | jij/hij bittorentte | gebittorrent |
| blackberryen | communiceren met een blackberry | ik blackberry, jij/hij blackberryt | jij/hij blackberryde | geblackberryd |
| blackjacken | blackjack spelen | ik blackjack, jij/hij blackjackt | jij/hij blackjackte | geblackjackt |
| blacklisten | op een zwarte lijst zetten | ik blacklist, jij/hij blacklist | jij/hij blacklistte | geblacklist |
| blackmailen | chanteren | ik blackmail, jij/hij blackmailt | jij/hij blackmailde | geblackmaild |
| black-outen | concentratie verliezen; (van apparaten) op zwart gaan | ik black-out, jij/hij black-out | jij/hij black-outte | geblack-out |
| blamen | de schuld geven aan | ik blame, jij/hij blamet | jij/hij blamede | geblamed |
| blanken | een signaal tijdelijk onderbreken | ik blank, jij/hij blankt | jij/hij blankte | geblankt |
| bleachen | bleken, bijv. tanden of kleding | ik bleach, jij/hij bleacht | jij/hij bleachte | gebleacht |
| blenden | fijnmaken in een blender | ik blend, jij/hij blendt | jij/hij blendde | geblend |
| blingen | versieren met glitters | ik bling, jij/hij blingt | jij/hij blingde | geblingd |
| blocken | blokkeren | ik block, jij/hij blockt | jij/hij blockte | geblockt |
| bloggen | een weblog bijhouden | ik blog, jij/hij blogt | jij/hij blogde | geblogd |
| bloghoppen | van weblog naar weblog surfen | ik bloghop, jij/hij bloghopt | jij/hij bloghopte | gebloghopt |
| blooperen | de mist in gaan, een flater slaan | ik blooper, jij/hij bloopert | jij/hij blooperde | geblooperd |
| blowen | een joint roken | ik blow, jij/hij blowt | jij/hij blowde | geblowd |
| bluesrocken | muziek met blues- en rock-'n-roll-invloeden maken | ik bluesrock, jij/hij bluesrockt | jij/hij bluesrockte | gebluesrockt |
| blunderen | een blunder begaan | ik blunder, jij/hij blundert | jij/hij blunderde | geblunderd |
| blurren | digitaal beeld of elementen daarvan uitwissen of vervagen | ik blur, jij/hij blurt | jij/hij blurde | geblurd |
| boarden | aan boord gaan | ik board, jij/hij boardt | jij/hij boardde | geboard |
| boardsurfen | surfen met een board | ik boardsurf, jij/hij boardsurft | jij/hij boardsurfte/ boardsurfde | geboardsurft/ geboardsurfd |
| bobben | in een bobslee rijden; niet-beschonken chauffeuren | ik bob, jij/hij bobt | jij/hij bobde | gebobd |
| bodyboarden | op de buik op een soort surfplankje door de golven varen | ik bodyboard, jij/hij bodyboardt | jij/hij bodyboardde | gebodyboard |
| bodybuilden | aan bodybuilding doen | ik bodybuild, jij/hij bodybuildt | jij/hij bodybuildde | gebodybuild |
| bodychecken | een schouderduw geven (bij ijshockey) | ik bodycheck, jij/hij bodycheckt | jij/hij bodycheckte | gebodycheckt |
| gebackbouncet gv nbsp;/tdtd /tr ik /tdtdtr ik bbq, jij/hij bbqbi/tdtd ik bbq, jij/hij bbqng, jij/hij bingt ik board, jij/hij boardtebarbecued/td jij/hij blooperde bodypainten | het lichaam beschilderen | ik bodypaint, jij/hij bodypaint/strong tdtdtd /tdtd | jij/hij bodypaintte | gebodypaint |
| bodypumpen | fitnessen met gewichten op muziek | ik bodypump, jij/hij bodypumpt | jij/hij bodypumpte | gebodypumpt |
| bodyshapen | lichaams- en spieroefeningen doen | ik bodyshape, jij/hij bodyshapet | jij/hij bodyshapete | gebodyshapet |
| bodyshoppen | werkkrachten inhuren | ik bodyshop, jij/hij bodyshopt | jij/hij bodyshopte | gebodyshopt |
| bodysurfen | zich aan een grote vlieger door het water laten slepen | ik bodysurf, jij/hij bodysurft | jij/hij bodysurfte/ bodysurfde | gebodysurft/ gebodysurfd |
| boerengolfen | boerengolf spelen | ik boerengolf, jij/hij boerengolft | jij/hij boerengolfte/ boerengolfde | geboerengolft/ geboerengolfd |
| bogglen | het spel Boggle spelen | ik boggle, jij/hij bogglet | jij/hij bogglede | geboggled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: boggelen | ik boggel, jij/hij boggelt | jij/hij boggelde | geboggeld | |
| bomchecken | controleren op de aanwezigheid van bommen | ik bomcheck, jij/hij bomcheckt | jij/hij bomcheckte | gebomcheckt |
| bookbuilden | aandelen plaatsen | ik bookbuild, jij/hij bookbuildt | jij/hij bookbuildde | gebookbuild |
| bookmarken | het adres van een internetpagina als favoriet opslaan | ik bookmark, jij/hij bookmarkt | jij/hij bookmarkte | gebookmarkt |
| boomen | sterk toenemen | iets/het aantal boomt | iets/het aantal boomde | geboomd |
| boosten | omhoogjagen, stimuleren | ik boost, jij/hij boost | jij/hij boostte | geboost |
| booten | een computer opstarten | ik boot, jij/hij boot | jij/hij bootte | geboot |
| bootleggen | een illegale muziekopname maken | ik bootleg, jij/hij bootlegt | jij/hij bootlegde | gebootlegd |
| borstcrawlen | borstcrawl zwemmen | ik borstcrawl, jij/hij borstcrawlt | jij/hij borstcrawlde | geborstcrawld |
| botoxen | een behandeling met botox geven | ik botox, jij/hij botoxt | jij/hij botoxte | gebotoxt |
| boulderen | zonder hulpmiddelen bergbeklimmen | ik boulder, jij/hij bouldert | jij/hij boulderde | geboulderd |
| bouncen | terugsturen naar de afzender; bij dansen veren op de voeten | ik bounce, jij/hij bouncet | jij/hij bouncete | gebouncet |
| bowlen | bowling spelen; de bal naar de batsman gooien | ik bowl, jij/hij bowlt | jij/hij bowlde | gebowld |
| boycotten | uitsluiten, uit protest niet meedoen aan | ik boycot, jij/hij boycot | jij/hij boycotte | geboycot |
| brainstormen | proberen ideeën te krijgen | ik brainstorm, jij/hij brainstormt | jij/hij brainstormde | gebrainstormd |
| braintrainen | de hersenen in conditie houden met puzzels en spellen | ik braintrain, jij/hij braintraint | jij/hij braintrainde | gebraintraind |
| brainwashen | hersenspoelen | ik brainwash, jij/hij brainwasht | jij/hij brainwashte | gebrainwasht |
| branddaten | elkaar ontmoeten op grond van gedeelde merkvoorkeuren | ik branddate, jij/hij branddatet | jij/hij branddatete | gebranddatet |
| branden | een merknaam exploiteren | ik brand, jij/hij brandt | jij/hij brandde | gebrand |
| breakdancen | op een acrobatische manier dansen | ik breakdance, jij/hij breakdancet | jij/hij breakdancete | gebreakdancet |
| breaken | (bij tennis) een game winnen terwijl de ander serveert; breakdancen | ik break, jij/hij breakt | jij/hij breakte | gebreakt |
| bridgen | bridge spelen | ik bridge, jij/hij bridget | jij/hij bridgete/ bridgede | gebridget/ gebridged |
| briefen | instrueren | ik brief, jij/hij brieft | jij/hij briefte/ briefde | gebrieft/ gebriefd |
| broadcasten | uitzenden | ik broadcast, jij/hij broadcast | jij/hij broadcastte | gebroadcast |
| browsen | met een browser bekijken, bladeren | ik browse, jij/hij browst | jij/hij browsde/ browste | gebrowsd/ gebrowst |
| In de officiële spelling: | ik browse, jij/hij browset | jij/hij browsede/ browsete | gebrowsed/ gebrowset | |
| brunchen | een ontbijt-lunch gebruiken | ik brunch, jij/hij bruncht | jij/hij brunchte | gebruncht |
| brushen | föhnen, borstelen | ik brush, jij/hij brusht | jij/hij brushte | gebrusht |
| bubblen | dansen op raggamuffin | ik bubble, jij/hij bubblet | jij/hij bubblede | gebubbled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: bubbelen | ik bubbel, jij/hij bubbelt | jij/hij bubbelde | gebubbeld | |
| bubblyen | een audiobericht plaatsen op Bubbly | ik bubbly, jij/hij bubblyt | jij/hij bubblyde | gebubblyd |
| buggen | afluisteren | ik bug, jij/hij bugt | jij/hij bugde | gebugd |
| builderen | hoge gebouwen beklimmen als sport | ik builder, jij/hij buildert | jij/hij builderde | gebuilderd |
| bulldozeren | met een bulldozer eropaf gaan; over iets/iemand heen walsen | ik bulldozer, jij/hij bulldozert | jij/hij bulldozerde | gebulldozerd |
| bullyen | afkatten, kleineren | ik bully, jij/hij bullyt | jij/hij bullyde | gebullyd |
| bumpen | botsen | ik bump, jij/hij bumpt | jij/hij bumpte | gebumpt |
| bumpersurfen | meerijden op de achterbumper van een voertuig | ik bumpersurf, jij/hij bumpersurft | jij/hij bumpersurfte/ bumpersurfde | gebumpersurft/ gebumpersurfd |
| bungeejumpen | van een hoogte af springen met een elastiek om je voeten | ik bungeejump, jij/hij bungeejumpt | jij/hij bungeejumpte | gebungeejumpt |
| butcheren | afslachten | ik butcher, jij/hij butchert | jij/hij butcherde | gebutcherd |
| buyen | kopen | ik buy, jij/hij buyt | jij/hij buyde | gebuyd |
| buzzen | een zoemend geluid maken; oproepen via een buzzer | ik buzz, jij/hij buzzt | jij/hij buzzde | gebuzzd |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik buz, jij/hij buzt | jij/hij buzde | gebuzd |
begin a b C d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
td de catering verzorgentd
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| cachen | in een cachegeheugen opslaan | ik cache, jij/hij cachet | jij/hij cachete | gecachet |
| cakewalken | danspassen maken; een soort hindernisbaan afleggen | ik cakewalk, jij/hij cakewalkt | jij/hij cakewalkte | gecakewalkt |
| callen | opvragen, opeisen (beursterm) | ik call, jij/hij callt | jij/hij callde | gecalld |
| cammen | met een videocamera of webcam opnames maken | ik cam, jij/hij camt | jij/hij camde | gecamd |
| campaignen | campagne voeren | ik campaign, jij/hij campaignt | jij/hij campaignde | gecampaignd |
| cancelen | afzeggen, annuleren | ik cancel, jij/hij cancelt | jij/hij cancelde | gecanceld |
| canvassen | werven | ik canvas, jij/hij canvast | jij/hij canvaste | gecanvast |
| cappen | met een cap bedekken, een tv-beeld als bestand opslaan om het te kunnen bewerken | ik cap, jij/hij capt | jij/hij capte | gecapt |
| caravannen | met de caravan eropuit gaan | ik caravan, jij/hij caravant | jij/hij caravande | gecaravand |
| carboncopyen (zie cc'en) | een kopie opsturen aan | ik carboncopy, jij/hij carboncopyt | jij/hij carboncopyde | gecarboncopyd |
| cardiofitnessen | een vorm van fitness doen die gericht is op de verbetering van de conditie van hart en bloedvaten | ik cardiofitness, jij/hij cardiofitnesst | jij/hij cardiofitnesste | gecardiofitnesst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik cardiofitnes, jij/hij cardiofitnest | jij/hij cardiofitneste | gecardiofitnest | |
| carjacken | een auto stelen terwijl de bestuurder erin zit | ik carjack, jij/hij carjackt | jij/hij carjackte | gecarjackt |
| carpoolen | samen met anderen in een auto forensen | ik carpool, jij/hij carpoolt | jij/hij carpoolde | gecarpoold |
| carrotmobben | als groep consumenten bedrijven tegen elkaar laten opbieden in 'eerlijke' en groene productiewijze en dienstverlening | ik carrotmob, jij/hij carrotmobt | jij/hij carrotmobde | gecarrotmobd |
| carven | skiën met carveski's, schaatsen met carveschaatsen | ik carve, jij/hij carvet | jij/hij carvede | gecarved |
| cashen | geld incasseren | ik cash, jij/hij casht | jij/hij cashte | gecasht |
| casten | iemand uitkiezen voor een bepaalde toneel- of filmrol | ik cast, jij/hij cast | jij/hij castte | gecast |
| catchen | achtervanger zijn; catch-as-catch-can vechten | ik catch, jij/hij catcht | jij/hij catchte | gecatcht |
| cateren | de catering verzorgen | ik cater, jij/hij catert | jij/hij caterde | gecaterd |
| cc'en | een kopie opsturen aan | ik cc, jij/hij cc't | jij/hij cc'de | ge-cc'd |
| centeren | de bal naar het doelgebied schoppen | ik center, jij/hij centert | jij/hij centerde | gecenterd |
| challengen | uitdagen; een uitdaging vormen | ik challenge, jij/hij challenget | jij/hij challengede | gechallenged |
| changen | geld wisselen; veranderen | ik change, jij/hij changet | jij/hij changede | gechanged |
| channelen | via een bepaald kanaal geleiden | ik channel, jij/hij channelt | jij/hij channelde | gechanneld |
| channelhoppen | zappen, 'kanaalzwemmen' | ik channelhop, jij/hij channelhopt | jij/hij channelhopte | gechannelhopt |
| chargen | beschuldigen, in rekening brengen | ik charge, jij/hij charget | jij/hij chargede | gecharged |
| charteren | voor transport afhuren, regelen | ik charter, jij/hij chartert | jij/hij charterde | gecharterd |
| chasen | nazitten, achternajagen | ik chase, jij/hij chaset | jij/hij chasete | gechaset |
| chatten | rechtstreeks online tekstberichten uitwisselen | ik chat, jij/hij chat | jij/hij chatte | gechat |
| cheaten | vals spelen | ik cheat, jij/hij cheat | jij/hij cheatte | gecheat |
| checken | vergelijken, natrekken | ik check, jij/hij checkt | jij/hij checkte | gecheckt |
| chillen | zich ontspannen | ik chill, jij/hij chillt | jij/hij chillde | gechilld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik chil, jij/hij chilt | jij/hij childe | gechild | |
| chimpen | digitale foto's beoordelen | ik chimp, jij/hij chimpt | jij/hij chimpte | gechimpt |
| chippen | met een golfclub slaan; met de chipknip betalen; van een chip voorzien | ik chip, jij/hij chipt | jij/hij chipte | gechipt |
| chiptunen | prestaties van een automotor verbeteren door elektronische instellingen te veranderen | ik chiptune, jij/hij chiptunet | jij/hij chiptunede | gechiptuned |
| choken | de choke gebruiken; blokkeren | ik chook, jij/hij chookt | jij/hij chookte | gechookt |
| choppen | versnipperen | ik chop, jij/hij chopt | jij/hij chopte | gechopt |
| chunken | in hanteerbare stukken verdelen | ik chunk, jij/hij chunkt | jij/hij chunkte | gechunkt |
| churnen | (beursterm) zo veel mogelijk transacties uitvoeren op de rekening van een klant | ik churn, jij/hij churnt | jij/hij churnde | gechurnd |
| claimen | vorderen; beweren | ik claim, jij/hij claimt | jij/hij claimde | geclaimd |
| clashen | botsen; in conflict komen | ik clash, jij/hij clasht | jij/hij clashte | geclasht |
| cleanen | schoonmaken | ik clean, jij/hij cleant | jij/hij cleande | gecleand |
| cleansen | reinigen, zuiveren | ik cleanse, jij/hij cleanst | jij/hij cleansde | gecleansd |
| In de officiële spelling: | ik cleanse, jij/hij cleanset | jij/hij cleansede | gecleansed | |
| clearen | schoonmaken; leegmaken, ontruimen; vereffenen | ik clear, jij/hij cleart | jij/hij clearde | gecleard |
| clicken | een koerswinst veilig stellen | ik click, jij/hij clickt | jij/hij clickte | geclickt |
| clippen | met een clip vastmaken; een geluidssignaal bewerken | ik clip, jij/hij clipt | jij/hij clipte | geclipt |
| closen | een zakentransactie afsluiten; dicht tegen elkaar aan dansen | ik close, jij/hij closet | jij/hij closede | geclosed |
| clubben | uitgaansgelegenheden bezoeken | ik club, jij/hij clubt | jij/hij clubde | geclubd |
| clusteren | groeperen, rangschikken | ik cluster, jij/hij clustert | jij/hij clusterde | geclusterd |
| clutchen | de koppeling van een auto bedienen | ik clutch, jij/hij clutcht | jij/hij clutchte | geclutcht |
| coachen | begeleiden | ik coach, jij/hij coacht | jij/hij coachte | gecoacht |
| coaten | van een deklaag voorzien | ik coat, jij/hij coat | jij/hij coatte | gecoat |
| cocoonen | je binnenshuis ontspannen | ik cocoon, jij/hij cocoont | jij/hij cocoonde | gecocoond |
| co-counselen | in tweetallen psychotherapie aanbieden/ondergaan | ik co-counsel, jij/hij co-counselt | jij/hij co-counselde | geco-counseld |
| In de officiële spelling: cocounselen | ik cocounsel, jij/hij cocounselt | jij/hij cocounselde | gecocounseld | |
| co-hosten | medepresenteren | ik co-host, jij/hij co-host | jij/hij co-hostte | geco-host |
| In de officiële spelling: cohosten | ik cohost, jij/hij cohost | jij/hij cohostte | gecohost | |
| collectcallen | via collect call bellen | ik collectcall, jij/hij collectcallt | jij/hij collectcallde | gecollectcalld |
| combatten | strijden | ik combat, jij/hij combat | jij/hij combatte | gecombat |
| combinen | combineren | ik combine, jij/hij combinet | jij/hij combinede | gecombined |
| comebacken | terugkeren | ik comeback, jij/hij comebackt | jij/hij comebackte | gecomebackt |
| zich committen | zich inzetten voor | ik commit me, jij/hij commit je/zich | jij/hij committe je/zich | gecommit |
| commuten | voor het werk geregeld naar verschillende landen reizen, forenzen | ik commute, jij/hij commutet | jij/hij commutete | gecommutet |
| competen | rivaliseren, strijden | ik compete, jij/hij competet | jij/hij competete | gecompetet |
| compilen | gegevens verzamelen | ik compile, jij/hij compilet | jij/hij compilede | gecompiled |
| computeren | met de computer werken/spelen | ik computer, jij/hij computert | jij/hij computerde | gecomputerd |
| conferencen | vergaderen | ik conference, jij/hij conferencet | jij/hij conferencete | geconferencet |
| connecten | verbinden | ik connect, jij/hij connect | jij/hij connectte | geconnect |
| contacten | contact opnemen met | ik contact, jij/hij contact | jij/hij contactte | gecontact |
| controllen | uitgaven beheren | ik control, jij/hij controlt | jij/hij controlde | gecontrold |
| copen | ermee kunnen omgaan | ik coop, jij/hij coopt | jij/hij coopte | gecoopt |
| co-producen | in co-productie maken | ik co-produce, jij/hij co-producet | jij/hij co-producete | geco-producet |
| In de officiële spelling: coproducen | ik coproduce, jij/hij coproducet | jij/hij coproducete | gecoproducet | |
| copyen | kopiëren | ik copy, jij/hij copyt | jij/hij copyde | gecopyd |
| copy-pasten | tekst selecteren, kopiëren en plakken | ik copy-paste, jij/hij copy-pastet | jij/hij copy-pastete | gecopy-pastet |
| copywriten | tekstschrijven | ik copywrite, jij/hij copywritet | jij/hij copywritete | gecopywritet |
| corneren | een hoekschop/-bal nemen, proberen controle te krijgen over de prijsvorming door veel goederen of effecten aan te kopen | ik corner, jij/hij cornert | jij/hij cornerde | gecornerd |
| co-sourcen | een functie laten uitvoeren door zowel een eigen medewerker als een externe | ik co-source, jij/hij co-sourcet | jij/hij co-sourcete | geco-sourcet |
| In de officiële spelling:cosourcen | ik cosource, jij/hij cosourcet | jij/hij cosourcete | gecosourcet | |
| couchsurfen | tijdens een reis bij particulieren overnachten | ik couchsurf, jij/hij couchsurft | jij/hij couchsurfte/ couchsurfde | gecouchsurft/ gecouchsurfd |
| counselen | door psychosociale therapie begeleiden | ik counsel, jij/hij counselt | jij/hij counselde | gecounseld |
| counteren | daadkrachtig reageren op; een snelle tegenaanval doen; ongedaan maken | ik counter, jij/hij countert | jij/hij counterde | gecounterd |
| coveren | journalistiek verslaan; een nieuwe versie van een oud lied maken | ik cover, jij/hij covert | jij/hij coverde | gecoverd |
| cracken | inbreken in een computersysteem | ik crack, jij/hij crackt | jij/hij crackte | gecrackt |
| crashen | neerstorten; verongelukken; vastlopen, uitvallen; ineenzakken; (onverwacht) langskomen/komen logeren | ik crash, jij/hij crasht | jij/hij crashte | gecrasht |
| craven | hunkeren | ik crave, jij/hij cravet | jij/hij cravede | gecraved |
| crawlen | met de crawlslag zwemmen | ik crawl, jij/hij crawlt | jij/hij crawlde | gecrawld |
| creamen | room toevoegen; verslaan; besmeuren | ik cream, jij/hij creamt | jij/hij creamde | gecreamd |
| crediten | bijschrijven op een rekening | ik credit, jij/hij credit | jij/hij creditte | gecredit |
| cricketen | cricket spelen | ik cricket, jij/hij cricket | jij/hij crickette | gecricket |
| croonen | ongearticuleerd zingen | ik croon, jij/hij croont | jij/hij croonde | gecroond |
| croqueten | croquet spelen | ik croquet, jij/hij croquet | jij/hij croquette | gecroquet |
| crossdressen | kleren van het andere geslacht dragen | ik crossdress, jij/hij crossdresst | jij/hij crossdresste | gecrossdresst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik crossdres, jij/hij crossdrest | jij/hij crossdreste | gecrossdrest | |
| crossen | veldrijden; hard rijden; doorkruisen | ik cross, jij/hij crosst | jij/hij crosste | gecrosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik cros, jij/hij crost | jij/hij croste | gecrost | |
| crosslinken | naar elkaar linken | ik crosslink, jij/hij crosslinkt | jij/hij crosslinkte | gecrosslinkt |
| crossposten | naar elkaar posten | ik crosspost, jij/hij crosspost | jij/hij crosspostte | gecrosspost |
| crowdsourcen | een willkeurige groep individuen raadplegen over een bepaald onderwerp | ik crowdsource, jij/hij crowdsourcet | jij/hij crowdsourcete | gecrowdsourcet |
| crowdsurfen | zich liggend over de handen van een mensenmassa laten verplaatsen | ik crowdsurf, jij/hij crowdsurft | jij/hij crowdsurfte/ crowdsurfde | gecrowdsurft/ gecrowdsurfd |
| cruisen | een cruise maken; de sttd /td/tdtd/tdtr ad doorkrui claimen veldrijden; hard rijtd trtdden; doorkruisenborstcrawlen ik brand, jij/hij brandtnbsp; jij/hij cc sen; een minnaar zoeken | ik cruise, jij/hij cruist | jij/hij cruisde/ cruiste | gecruisd/ gecruist |
| td gecompetet/td | In de officië jij/hij briefte/ briefdebegin/td clashen;le spelling: | ik cruise, jij/hij cruiset | jij/hij cruisede/ cruisete | gecruised/ gecruiset |
| crunchen | fijnstampen; kraken; buikspieroefeningen doen | ik crunch, jij/hij cruncht | jij/hij crunchte | gecruncht |
| crushen | fijnmaken | ik crush, jij/hij crusht | jij/hij crushte | gecrusht |
| cuckolden | een relatie hebben waarin een vrouw vreemdgaat met toestemming van haar man | ik cuckold, jij/hij cuckoldt | jij/hij cuckoldde | gecuckold |
| cuen | regieaanwijzingen geven | ik cue, jij/hij cuet | jij/hij cuede | gecued |
| In de officiële spelling: cueën | ik cue, jij/hij cuet | jij/hij cuede | gecued | |
| curlen | aan curling doen | ik curl, jij/hij curlt | jij/hij curlde | gecurld |
| customizen | aanpassen aan de wensen van de consument | ik customize, jij/hij customizet | jij/hij customizede | gecustomized |
| cutten | filmbeelden snijden en plakken | ik cut, jij/hij cut | jij/hij cutte | gecut |
| cutteren | baggeren met een snijkopzuiger | ik cutter, jij/hij cuttert | jij/hij cutterde | gecutterd |
| cybersquatten | merknamen registreren en verkopen | ik cybersquat, jij/hij cybersquat | jij/hij cybersquatte | gecybersquat |
begin a b c D e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| daggeren | een expliciet seksuele dans doen | ik dagger, jij/hij daggert | jij/hij daggerde | gedaggerd |
| darten | darts spelen | ik dart, jij/hij dart | jij/hij dartte | gedart |
| dashen | wegrennen | ik dash, jij/hij dasht | jij/hij dashte | gedasht |
| databasen | in een gegevensbestand opslaan | ik database, jij/hij databaset | jij/hij databasete | gedatabaset |
| datacasten | databestanden (beeld, geluid, tekst) uitzenden via een netwerk | ik datacast, jij/hij datacast | jij/hij datacastte | gedatacast |
| daten | uitgaan met, een relatie hebben met | ik date, jij/hij datet | jij/hij datete | gedatet |
| daterapen | verkrachten na een afspraakje | ik daterape, jij/hij daterapet | jij/hij daterapet | gedaterapet |
| daytraden | effecten in- en verkopen op dezelfde dag | ik daytrade, jij/hij daytradet | jij/hij daytradede | gedaytraded |
| deadliften | gewichtheffen in één beweging | ik deadlift, jij/hij deadlift | jij/hij deadliftte | gedeadlift |
| dealen | (drugs) verkopen, omgaan met | ik deal, jij/hij dealt | jij/hij dealde | gedeald |
| debaten | discussiëren | ik debate, jij/hij debatet | jij/hij debatete | gedebatet |
| debriefen | na een (militaire) missie psychologische ondersteuning bieden | ik debrief, jij/hij debrieft | jij/hij debriefte/ debriefde | gedebrieft/ gedebriefd |
| debuggen | fouten in een computerprogramma opsporen | ik debug, jij/hij debugt | jij/hij debugde | gedebugd |
| debunken | ontmaskeren, demythologiseren | ik debunk, jij/hij debunkt | jij/hij debunkte | gedebunkt |
| decoden | decoderen | ik decode, jij/hij decodet | jij/hij decodede | gedecoded |
| decrypten | decoderen | ik decrypt, jij/hij decrypt | jij/hij decryptte | gedecrypt |
| deejayen | als deejay optreden | ik deejay, jij/hij deejayt | jij/hij deejayde | gedeejayd |
| deeplinken | direct naar een bepaalde pagina linken | ik deeplink, jij/hij deeplinkt | jij/hij deeplinkte | gedeeplinkt |
| deepthroaten | diep pijpen | ik deepthroat, jij/hij deepthroat | jij/hij deepthroatte | gedeepthroat |
| defacen | (bijv. websites) ontsieren, bekladden | ik deface, jij/hij defacet | jij/hij defacete | gedefacet |
| defrienden | contacten schrappen uit een online vriendennetwerk | ik defriend, jij/hij defriendt | jij/hij defriendde | gedefriend |
| de-icen | van ijs ontdoen (bijv. bij vliegtuigen) | ik de-ice, jij/hij de-icet | jij/hij de-icete | gede-icet |
| delayen | vertragen | ik delay, jij/hij delayt | jij/hij delayde | gedelayd |
| deleten | wissen | ik delete, jij/hij deletet | jij/hij deletete | gedeletet |
| deleveragen | investeringen van hun hefboomwerking ontdoen | ik deleverage, jij/hij deleveraget | jij/hij deleveragede | gedeleveraged |
| delisten | terugtrekken | ik delist, jij/hij delist | jij/hij delistte | gedelist |
| designen | ontwerpen | ik design, jij/hij designt | jij/hij designde | gedesignd |
| desktoppublishen | opmaken op de computer | ik desktoppublish, jij/hij desktoppublisht | jij/hij desktoppublishte | gedesktoppublisht |
| detoxen | ontgiften, ontslakken | ik detox, jij/hij detoxt | jij/hij detoxte | gedetoxt |
| developen | ontwikkelen | ik develop, jij/hij developt | jij/hij developte | gedevelopt |
| dialen | bellen | ik dial, jij/hij dialt | jij/hij dialde | gediald |
| digesten | verteren; verwerken | ik digest, jij/hij digest | jij/hij digestte | gedigest |
| diggen | begrijpen | ik dig, jij/hij digt | jij/hij digde | gedigd |
| digidaten | via het internet daten | ik digidate, jij/hij digidatet | jij/hij digidatete | gedigidatet |
| dimmen | dempen; zich inhouden | ik dim, jij/hij dimt | jij/hij dimde | gedimd |
| dinchen | een lunch-diner gebruiken | ik dinch, jij/hij dincht | jij/hij dinchte | gedincht |
| dippen | een minder goede tijd doormaken | ik dip, jij/hij dipt | jij/hij dipte | gedipt |
| directmailen | mogelijke klanten aanschrijven | ik directmail, jij/hij directmailt | jij/hij directmailde | gedirectmaild |
| directmarketen | direct verkopen | ik directmarket, jij/hij directmarket | jij/hij directmarkette | gedirectmarket |
| directsellen | direct verkopen | ik directsell, jij/hij directsellt | jij/hij directsellde | gedirectselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik directsel, jij/hij directselt | jij/hij directselde | gedirectseld | |
| disablen | onmogelijk maken | ik disable, jij/hij disablet | jij/hij disablede | gedisabled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: disabelen | ik disabel, jij/hij disabelt | jij/hij disabelde | gedisabeld | |
| discounten | korting geven | ik discount, jij/hij discount | jij/hij discountte | gediscount |
| diskjockeyen | platen aan elkaar praten, optreden als diskjockey | ik diskjockey, jij/hij diskjockeyt | jij/hij diskjockeyde | gediskjockeyd |
| dispatchen | verzenden | ik dispatch, jij/hij dispatcht | jij/hij dispatchte | gedispatcht |
| displayen | tonen | ik display, jij/hij displayt | jij/hij displayde | gedisplayd |
| dissen | disrespect betonen; verbaal aftroeven | ik dis, jij/hij dist | jij/hij diste | gedist |
| diven | duiken | ik dive, jij/hij divet | jij/hij divede | gedived |
| dj'en | platen aan elkaar praten, optreden als diskjockey | ik dj, jij/hij dj't | jij/hij dj'de | ge-dj'd |
| docken | een laptop of iPod in een dockingstation stoppen | ik dock, jij/hij dockt | jij/hij dockte | gedockt |
| doormailen | doorsturen via e-mail | ik mail door, jij/hij mailt door | jij/hij mailde door | doorgemaild |
| door-sms'en | doorsturen via sms | ik sms door, jij/hij sms't door | jij/hij sms'te door | doorge-sms't |
| dopen | dope geven | ik dope, jij/hij dopet | jij/hij dopete | gedopet |
| doublechecken | een extra controle uitvoeren | ik doublecheck, jij/hij doublecheckt | jij/hij doublecheckte | gedoublecheckt |
| downcyclen | hergebruiken en er een minder goed product van maken | ik downcycle, jij/hij downcyclet | jij/hij downcyclede | gedowncycled |
| downdaten | uitgaan met iemand met een veel lagere status | ik downdate, jij/hij downdatet | jij/hij downdatete | gedowndatet |
| downen | minder vrolijk maken; downloaden | ik down, jij/hij downt | jij/hij downde | gedownd |
| downgraden | op een lager peil brengen | ik downgrade, jij/hij downgradet | jij/hij downgradede | gedowngraded |
| downhillen | op speciale fiets/skates van een heuvel af rijden | ik downhill, jij/hij downhillt | jij/hij downhillde | gedownhilld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik downhil, jij/hij downhilt | jij/hij downhilde | gedownhild | |
| downloaden | binnenhalen van internet | ik download, jij/hij downloadt | jij/hij downloadde | gedownload |
| downplayen | afzwakken | ik downplay, jij/hij downplayt | jij/hij downplayde | gedownplayd |
| downscalen | op kleinere schaal laten plaatsvinden | ik downscale, jij/hij downscalet | jij/hij downscalede | gedownscaled |
| downsellen | minder(e kwaliteit) verkopen | ik downsell, jij/hij downsellt | jij/hij downsellde | gedownselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik downsel, jij/hij downselt | jij/hij downselde | gedownseld | |
| downshiften | carrièrekansen inruilen voor vrije tijd | ik downshift, jij/hij downshift | jij/hij downshiftte | gedownshift |
| downsizen | een onderneming afslanken om meer winst te kunnen maken | ik downsize, jij/hij downsizet | jij/hij downsizede | gedownsized |
| downswingen | (van de economie) achteruitgaan | ik downswing, jij/hij downswingt | jij/hij downswingde | gedownswingd |
| downtraden | minder handelen | ik downtrade, jij/hij downtradet | jij/hij downtradede | gedowntraded |
| downtunen | een instrument lager stemmen | ik downtune, jij/hij downtunet | jij/hij downtunede | gedowntuned |
| draften | schetsen; selecteren; in een slipstream rijden | ik draft, jij/hij draft | jij/hij draftte | gedraft |
| drag-and-droppen | verslepen op een (computer)scherm | ik drag-and-drop, jij/hij drag-and-dropt | jij/hij drag-and-dropte | gedrag-and-dropt |
| draggen | slepen | ik drag, jij/hij dragt | jij/hij dragde | gedragd |
| dragracen | aan een soort autoracewedstrijd meedoen | ik dragrace, jij/hij dragracet | jij/hij dragracete | gedragracet |
| drainen | afvoeren; leegmaken;uitputten | ik drain, jij/hij draint | jij/hij drainde | gedraind |
| drawen | gelijkspelen; trekken (van een speelkaart); tekenen | ik draw, jij/hij drawt | jij/hij drawde | gedrawd |
| dressen | aankleden | ik dress, jij/hij dresst | jij/hij dresste | gedresst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik dres, jij/hij drest | jij/hij dreste | gedrest | |
| dribbelen | al lopende de bal bij zich houden | ik dribbel, jij/hij dribbelt | jij/hij dribbelde | gedribbeld |
| driften | zwalken | ik drift, jij/hij drift | jij/hij driftte | gedrift |
| dropkicken | de bal laten vallen en de stuit wegtrappen | ik dropkick, jij/hij dropkickt | jij/hij dropkickte | gedropkickt |
| droppen | parachuteren; achterlaten; laten vallen | ik drop, jij/hij dropt | jij/hij dropte | gedropt |
| drummen | trommelen | ik drum, jij/hij drumt | jij/hij drumde | gedrumd |
| dryhumpen | 'schuren', droogneuken | ik dryhump, jij/hij dryhumpt | jij/hij dryhumpte | gedryhumpt |
| dtp'en | vormgeven met de computer | ik dtp, jij/hij dtp't | jij/hij dtp'de | ge-dtp'd |
| dubbelchecken | een tegencontrole uitvoeren | ik dubbelcheck, jij/hij dubbelcheckt | jij/hij dubbelcheckte | gedubbelcheckt |
| dubbeltappen | twee keer achter elkaar op een aanraakscherm tikken | ik dubbeltap, jij/hij dubbeltapt | jij/hij dubbeltapte | gedubbeltapt |
| dubben | nasynchroniseren, kopiëren | ik dub, jij/hij dubt | jij/hij dubde | gedubd |
| dumpen | lozen, afwijzen | ik dump, jij/hij dumpt | jij/hij dumpte | gedumpt |
| dunken | met een sprong scoren | ik dunk, jij/hij dunkt | jij/hij dunkte | gedunkt |
begin a b c d E f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| earmarken | een 'elektronisch ezelsoor' aanbrengen | ik earmark, jij/hij earmarkt | jij/hij earmarkte | geëarmarkt |
| e-commercen | via internet handelen | ik e-commerce, jij/hij e-commercet | jij/hij e-commercete | ge-e-commercet |
| edgen | gegevens overdragen via gsm-netwerken | ik edge, jij/hij edget | jij/hij edgede | geëdged |
| editen | gereedmaken voor publicatie/ vertoning | ik edit, jij/hij edit | jij/hij editte | geëdit |
| egosurfen | op je eigen naam zoeken op internet | ik egosurf, jij/hij egosurft | jij/hij egosurfte/ egosurfde | geëgosurft/ geëgosurfd |
| egotrippen | iets doen om je zelfgevoel te verhogen, verwaand zijn | ik egotrip, jij/hij egotript | jij/hij egotripte | geëgotript |
| ejecten | door de computer of cd-speler laten uitwerpen | ik eject, jij/hij eject | jij/hij ejectte | geëject |
| e-learnen | via internet leren | ik e-learn, jij/hij e-learnt | jij/hij e-learnde | ge-e-learnd |
| e-mailen | per elektronische post berichten versturen en ontvangen | ik e-mail, jij/hij e-mailt | jij/hij e-mailde | ge-e-maild |
| embossen | afbeeldingen in reliëf aanbrengen op papier | ik emboss, jij/hij embosst | jij/hij embosste | geëmbosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik embos, jij/hij embost | jij/hij emboste | geëmbost | |
| empoweren | zelf verantwoordelijkheid geven | ik empower, jij/hij empowert | jij/hij empowerde | geëmpowerd |
| enablen | mogelijk maken | ik enable, jij/hij enablet | jij/hij enablede | ge&¨nabled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: enabelen | ik enabel, jij/hij enabelt | jij/hij enabelde | geënabeld | |
| encoden | coderen | ik encode, jij/hij encodet | jij/hij encodede | geëncoded |
| encrypten | coderen; versleutelen | ik encrypt, jij/hij encrypt | jij/hij encryptte | geëncrypt |
| engineeren | technologisch ontwikkelen | ik engineer, jij/hij engineert | jij/hij engineerde | geëngineerd |
| enhancen | (digitaal) verbeteren | ik enhance, jij/hij enhancet | jij/hij enhancete | geënhancet |
| enrollen | zich aanmelden voor een (online) cursus, collegereeks e.d. | ik enroll, jij/hij enrollt | jij/hij enrollde | geënrolld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik enrol, jij/hij enrolt | jij/hij enrolde | geënrold | |
| enteren | op de knop enter drukken | ik enter, jij/hij entert | jij/hij enterde | geënterd |
| entertainen | amuseren | ik entertain, jij/hij entertaint | jij/hij entertainde | geëntertaind |
| equalizen | geluidsweergave aanpassen | ik equalize, jij/hij equalizet | jij/hij equalizede | geëqualized |
| erasen | uitwissen | ik erase, jij/hij eraset | jij/hij erasede | geërased |
| e-readen | een boek of tekst op een e-reader lezen | ik e-read, jij/hij e-readt | jij/hij e-readde | ge-e-read |
| escapen | ontsnappen; de escape-toets gebruiken | ik escape, jij/hij escapet | jij/hij escapete | geëscapet |
| establishen | vestigen | ik establish, jij/hij establisht | jij/hij establishte | geëstablisht |
| e-tailen | via een webshop verkopen | ik e-tail, jij/hij e-tailt | jij/hij e-tailde | ge-e-taild |
| eventen | tot een belangwekkende gebeurtenis maken | ik event, jij/hij event | jij/hij eventte | geëvent |
| exercisen | uitoefenen; fitness- of conditieoefeningen doen | ik exercise, jij/hij exerciset | jij/hij exercisede | geëxercised |
| exposen | blootstellen; tentoonstellen | ik expose, jij/hij exposet | jij/hij exposede | geëxposed |
begin a b c d e F g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
tdnbsp; ik daterape, jij/hij daterapet desktoppublishen/td/tr/td begin/td
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| facebooken | actief zijn op Facebook | ik facebook, jij/hij facebookt | jij/hij facebookte | gefacebookt |
| faceliften | cosmetisch (laten) verfraaien; moderniseren | ik facelift, jij/hij facelift | jij/hij faceliftte | gefacelift |
| facen | onder ogen zien | ik face, jij/hij facet | jij/hij facete | gefacet |
| factchecken | afzender en achtergrond van berichten onderzoeken voor ze als nieuws te presenteren | ik factcheck, jij/hij factcheckt | jij/hij factcheckte | gefactcheckt |
| faden | vervagen | ik fade, jij/hij fadet | jij/hij fadede | gefaded |
| fairshoppen | fairtradeproducten kopen | ik fairshop, jij/hij fairshopt | jij/hij fairshopte | gefairshopt |
| faken | doen alsof | ik fake, jij/hij faket | jij/hij fakete | gefaket |
| fancyen | leuk vinden | ik fancy, jij/hij fancyt | jij/hij fancyde | gefancyd |
| farshoren | werkzaamheden in verre (lagelonen)landen laten uitvoeren | ik farshore, jij/hij farshoret | jij/hij fareshorede | gefarshored |
| favoriten | als 'favoriet' markeren | ik favorite, jij/hij favoritet | jij/hij favoritete | gefavoritet |
| faxen | per fax verzenden | ik fax, jij/hij faxt | jij/hij faxte | gefaxt |
| tr gegevens overdragen via gsm-netwerken/td/table/td feeden | je partner vetmesten | ik feed, jij/hij fe tdtr td /atd/ptdedt | jij/hij feedde | gefeed |
| /tdemtd ik drain, jij/hij draint jij/hij drifttewerkwoord tra href=td/tr featherbedden | verwennen | ik featherbed, jij/hij featherbedt | jij/hij featherbedde | gefeatherbed |
| feedbacken | terugkoppelen | ik feedback, /tr/td/td¨ jij/hij feedbackt | jij/hij feedbackte | gefeedbackt |
| fetchen | een dataset uit een bestand selecteren en ophalen | ik fetch, jij/hij fetcht | jij/hij fetchte | gefetcht |
| fielden | in het veld spelen | ik field, jij/hij fieldt | jij/hij fieldde | gefield |
| fietscrossen | meedoen aan een terreinwedstrijd voor fietsen | ik fietscross, jij/hij fietscrosst | jij/hij fietscrosste | gefietscrosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik fietscros, jij/hij fietscrost | jij/hij fietscroste | gefietscrost | |
| filen | opslaan | ik file, jij/hij filet | jij/hij filede | gefiled |
| fillen | vullen (bij digitaal bewerken) | ik fill, jij/hij fillt | jij/hij fillde | gefilld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik fil, jij/hij filt | jij/hij filde | gefild | |
| financen | financieren | ik finance, jij/hij financet | jij/hij financete | gefinancet |
| finetunen | precies afstellen/afspreken | ik finetune, jij/hij finetunet | jij/hij finetunede | gefinetuned |
| finishen | over de eindstreep komen | ik finish, jij/hij finisht | jij/hij finishte | gefinisht |
| fingerpainten | vingerverven | ik fingerpaint, jij/hij fingerpaint | jij/hij fingerpaintte | gefingerpaint |
| fisten | vuistneuken | ik fist, jij/hij fist | jij/hij fistte | gefist |
| fistfucken | vuistneuken | ik fistfuck, jij/hij fistfuckt | jij/hij fistfuckte | gefistfuckt |
| fitnessen | conditietraining doen | ik fitness, jij/hij fitnesst | jij/hij fitnesste | gefitnesst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik fitnes, jij/hij fitnest | jij/hij fitneste | gefitnest | |
| fixen | spuiten; maken; regelen | ik fix, jij/hij fixt | jij/hij fixte | gefixt |
| flamen | schelden (bij communicatie via internet) | ik flame, jij/hij flamet | jij/hij flamede | geflamed |
| flashbacken | teruggaan naar iets wat eerder gebeurd is | ik flashback, jij/hij flashbackt | jij/hij flashbackte | geflashbackt |
| flashen | software bijwerken; beetnemen; even een bloot lichaamsdeel laten zien | ik flash, jij/hij flasht | jij/hij flashte | geflasht |
| flashforwarden | vooruitkijken | ik flashforward, jij/hij flashforwardt | jij/hij flashforwardde | geflashforward |
| flashmobben | op afspraak bij elkaar komen, iets onverwachts doen en dan weer uiteengaan | ik flashmob, jij/hij flashmobt | jij/hij flashmobde | geflashmobd |
| fleetracen | (van zeil-, roeiboten) met het gehele deelnemersveld een wedstrijd varen | ik fleetrace, jij/hij fleetracet | jij/hij fleetracete | gefleetracet |
| fletcheren | voedsel langdurig kauwen | ik fletcher, jij/hij fletchert | jij/hij fletcherde | gefletcherd |
| flippen | verkeerd reageren op drugs; mislukken | ik flip, jij/hij flipt | jij/hij flipte | geflipt |
| flirten | speels het hof maken; spelen met | ik flirt, jij/hij flirt | jij/hij flirtte | geflirt |
| flitsdaten | groepsgewijs mogelijke partners keuren | ik flitsdate, jij/hij flitsdatet | jij/hij flitsdatete | geflitsdatet |
| floaten | in een cabine met zout water drijven | ik float, jij/hij float | jij/hij floatte | gefloat |
| flooden | met berichten/informatie overspoelen | ik flood, jij/hij floodt | jij/hij floodde | geflood |
| floppen | mislukken | ik flop, jij/hij flopt | jij/hij flopte | geflopt |
| flossen | gebit behandelen met tandzijde | ik floss, jij/hij flosst | jij/hij flosste | geflosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik flos, jij/hij flost | jij/hij floste | geflost | |
| flowboarden | met een flowboard skaten of surfen | ik flowboard, jij/hij flowboardt | jij/hij flowboardde | geflowboard |
| flowen | het hof maken | ik flow, jij/hij flowt | jij/hij flowde | geflowd |
| fluffen | oppoetsen, opfrissen; de penis van een pornoacteur stijf houden | ik fluf, jij/hij fluft | jij/hij flufte | gefluft |
| flushen | versturen | ik flush, jij/hij flusht | jij/hij flushte | geflusht |
| flutteren | trillen; jengelen | ik flutter, jij/hij fluttert | jij/hij flutterde | geflutterd |
| focussen | in het middelpunt plaatsen; concentreren; zich richten | ik focus, jij/hij focust | jij/hij focuste | gefocust |
| folden | kaarten delen | ik fold, jij/hij foldt | jij/hij foldde | gefold |
| followen | volgen op Twitter | ik follow, jij/hij followt | jij/hij followde | gefollowd |
| formatten | een computerschijf geschikt maken voor gebruik | ik format, jij/hij format | jij/hij formatte | geformat |
| forwarden | doorsturen | ik forward, jij/hij forwardt | jij/hij forwardde | geforward |
| fosteren | financieel ondersteunen | ik foster, jij/hij fostert | jij/hij fosterde | gefosterd |
| fotofucken | foto's digitaal manipuleren | ik fotofuck, jij/hij fotofuckt | jij/hij fotofuckte | gefotofuckt |
| fotoshoppen (ook: photoshoppen) | foto's bewerken met een computerprogramma | ik fotoshop, jij/hij fotoshopt | jij/hij fotoshopte | gefotoshopt |
| foxtrotten | de foxtrot dansen | ik foxtrot, jij/hij foxtrot | jij/hij foxtrotte | gefoxtrot |
| fraccen | ondergrondse steenlagen breken | ik frac, jij/hij fract | jij/hij fracte | gefract |
| framen | construeren | ik frame, jij/hij framet | jij/hij framede | geframed |
| franchisen | als franchisenemer/-gever optreden | ik franchise, jij/hij franchiset | jij/hij franchisede | gefranchised |
| freaken | zich uitleven | ik freak, jij/hij freakt | jij/hij freakte | gefreakt |
| freebasen | bewerkte cocaïne roken | ik freebase, jij/hij freebaset | jij/hij freebasede | gefreebased |
| freefighten | vechten met weinig regels (als sport) | ik freefight, jij/hij freefight | jij/hij freefightte | gefreefight |
| freelancen | zonder vast dienstverband werken | ik freelance, jij/hij freelancet | jij/hij freelancete | gefreelancet |
| freerunnen | hardlopen met hindernissen (niet op een uitgezet parcours) | ik freerun, jij/hij freerunt | jij/hij freerunde | gefreerund |
| freestylen | improviseren | ik freestyle, jij/hij freestylet | jij/hij freestylede | gefreestyled |
| freewheelen | laten voortbewegen zonder iets te doen, kalm aan doen | ik freewheel, jij/hij freewheelt | jij/hij freewheelde | gefreewheeld |
| freezen | verstijven | ik freeze, jij/hij freezet | jij/hij freezede | gefreezed |
| frisbee&¨n | met een frisbee gooien | ik frisbee, jij/hij frisbeet | jij/hij frisbeede | gefrisbeed |
| fronten | bij het beleggen uitgaan van voorkennis | ik front, jij/hij front | jij/hij frontte | gefront |
| frontloaden | veel producten aan de detailhandel slijten | ik frontload, jij/hij frontloadt | jij/hij frontloadde | gefrontload |
| ftp'en | via file transfer protocol naar een andere computer overbrengen | ik ftp, jij/hij ftp't | jij/hij ftp'de | ge-ftp'd |
| fucken | klieren; pesten; voor de gek houden | ik fuck, jij/hij fuckt | jij/hij fuckte | gefuckt |
| fundraisen | fondsen werven | ik fundraise, jij/hij fundraist | jij/hij fundraisde | gefundraisd |
| In de officiële spelling: | ik fundraise, jij/hij fundraiset | jij/hij fundraisede | gefundraised | |
| funshoppen | winkelen als hobby | ik funshop, jij/hij funshopt | jij/hij funshopte | gefunshopt |
begin a b c d e f G h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| gamen | computerspelletjes spelen | ik game, jij/hij gamet | jij/hij gamede | gegamed |
| gangbangen | groepsseks hebben | ik gangbang, jij/hij gangbangt | jij/hij gangbangde | gegangbangd |
| gaybashen | homo's uitschelden en/of in elkaar slaan | ik gaybash, jij/hij gaybasht | jij/hij gaybashte | gegaybasht |
| genderbenden | het gedrag van de andere sekse overnemen | ik genderbend, jij/hij genderbendt | jij/hij genderbendde | gegenderbend |
| geotaggen | het toevoegen van lengte- en breedtecoördinaten aan bijvoorbeeld foto's, video's of websites | ik geotag, jij/hij geotagt | jij/hij geotagde | gegeotagd |
| globetrotten | over de hele wereld reizen | ik globetrot, jij/hij globetrot | jij/hij globetrotte | geglobetrot |
| glossen | (lippen) met gloss insmeren | ik gloss, jij/hij glosst | jij/hij glosste | geglosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik glos, jij/hij glost | jij/hij gloste | geglost | |
| golfen | golf spelen | ik golf, jij/hij golft | jij/hij golfde/ golfte | gegolfd/ gegolft |
| golfsurfen | zich staande op een plank op de golven van de branding naar het strand laten glijden | ik golfsurf, jij/hij golfsurft | jij/hij golfsurfte/ golfsurfde | gegolfsurft/ gegolfsurfd |
| google+'en | actief zijn op Google+ | ik google+, jij/hij google+'t | jij/hij google+'te | gegoogle+'t |
| Ook mogelijk: googleplussen | ik googleplus, jij/hij googleplust | jij/hij googlepluste | gegoogleplust | |
| googlen | informatie zoeken op internet | ik google, jij/hij googlet | jij/hij googlede | gegoogled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: googelen | ik googel, jij/hij googelt | jij/hij googelde | gegoogeld | |
| gossipen | roddelen | ik gossip, jij/hij gossipt | jij/hij gossipte | gegossipt |
| grabben | grijpen | ik grab, jij/hij grabt | jij/hij grabde | gegrabd |
| greenwashen | een groen imago geven | ik greenwash, jij/hij greenwasht | jij/hij greenwashte | gegreenwasht |
| grillen | roosteren | ik gril, jij/hij grilt | jij/hij grilde | gegrild |
| grooven | zich vermaken | ik groove, jij/hij groovet | jij/hij groovede | gegrooved |
| grouten | bepaalde techniek toepassen bij het verstevigen van funderingen | ik grout, jij/hij grout | jij/hij groutte | gegrout |
| growlen | met een keelstem zingen | ik growl, jij/hij growlt | jij/hij growlde | gegrowld |
| grunten | een grommend zanggeluid voortbrengen | ik grunt, jij/hij grunt | jij/hij gruntte | gegrunt |
| gsm'en | mobiel bellen | ik gsm, jij/hij gsm't | jij/hij gsm'de | ge-gsm'd |
begin a b c d e f g H i j k l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| hacken | inbreken in een computersysteem | ik hack, jij/hij hackt | jij/hij hackte | gehackt |
| handicappen | benadelen; belemmeren | ik handicap, jij/hij handicapt | jij/hij handicapte | gehandicapt |
| handlen | omgaan met | ik handle, jij/hij handlet | jij/hij handlede | gehandled |
| handshaken | (van modems) communiceren | ik handshake, jij/hij handshaket | jij/hij handshakete | gehandshaket |
| hanggliden | met een deltavleugel vliegen | ik hangglide, jij/hij hangglidet | jij/hij hangglidede | gehangglided |
| hardsellen | verkopen met agressieve methoden | ik hardsell, jij/hij hardsellt | jij/hij hardsellde | gehardselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik hardsel, jij/hij hardselt | jij/hij hardselde | gehardseld | |
| hashtaggen | een kenmerk (bijv. #taal) toevoegen aan een Twitterbericht | ik hashtag, jij/hij hashtagt | jij/hij hashtagde | gehashtagd |
| headbangen | heftig het hoofd op en neer bewegen | ik headbang, jij/hij headbangt | jij/hij headbangde | geheadbangd |
| headhunten | hoger personeel werven | ik headhunt, jij/hij headhunt | jij/hij headhuntte | geheadhunt |
| headmappen | nagaan welk hoger personeel een andere baan wil | ik headmap, jij/hij headmapt | jij/hij headmapte | geheadmapt |
| healen | langs bovennatuurlijke weg genezen | ik heal, jij/hij healt | jij/hij healde | geheald |
| hedgen | de financiële positie afdekken | ik hedge, jij/hij hedget | jij/hij hedgede | gehedged |
| heliboarden | snowboarden na met de helikopter op een hoog punt te zijn afgezet | ik heliboard, jij/hij heliboardt | jij/hij heliboardde | geheliboard |
| highfiven | (met) opgestoken handen tegen elkaar slaan | ik highfive, jij/hij highfivet | jij highfivede | gehighfived |
| highlighten | sterk laten uitkomen | ik highlight, jij/hij highlight | jij highlightte | gehighlight |
| highteaën | uitgebreid thee drinken en lekkernijen eten | ik hightea, jij/hij highteat | jij highteade | gehightead |
| hijacken | kapen | ik hijack, jij/hij hijackt | jij/hij hijackte | gehijackt |
| hiken | een trektocht maken | ik hike, jij/hij hiket | jij/hij hikete | gehiket |
| hinten | tippen | ik hint, jij/hij hint | jij/hij hintte | gehint |
| hiphoppen | dansen op hiphopmuziek | ik hiphop, jij/hij hiphopt | jij/hij hiphopte | gehiphopt |
| hitchhiken | liften | ik hitchhike, jij/hij hitchhiket | jij/hij hitchhikete | gehitchhiket |
| hitten | raken | ik hit, jij/hij hit | jij/hij hitte | gehit |
| hoaxen | nepberichten of valse waarschuwingen verspreiden | ik hoax, jij/hij hoaxt | jij/hij hoaxte | gehoaxt |
| hobbyen | een hobby uitoefenen | ik hobby, jij/hij hobbyt | jij/hij hobbyde | gehobbyd |
| hockeyen | hockey spelen | ik hockey, jij/hij hockeyt | jij/hij hockeyde | gehockeyd |
| homejacken | een auto stelen door de sleutels van de eigenaar uit huis te roven | ik homejack, jij/hij homejackt | jij/hij homejackte | gehomejackt |
| homeshoppen | thuiswinkelen | ik homeshop, jij/hij homeshopt | jij/hij homeshopte | gehomeshopt |
| hometapen | een thuiskopie maken | ik hometape, jij/hij hometapet | jij/hij hometapete | gehometapet |
| hometrainen | thuis trainen met een toestel | ik hometrain, jij/hij hometraint | jij/hij hometrainde | gehometraind |
| honeymoonen | op huwelijksreis gaan | ik honeymoon, jij/hij honeymoont | jij/hij honeymoonde | gehoneymoond |
| hosten | via een netwerk oproepbaar maken | ik host, jij/hij host | jij/hij hostte | gehost |
| housen | op housemuziek dansen | ik house, jij/hij houst | jij/hij houste/ housde | gehoust/ gehousd |
| In de officiële spelling: | ik house, jij/hij houset | jij/hij housete/ housede | gehouset/ gehoused | |
| hoveren | (vrijwel stilstaand) zweven | ik hover, jij/hij hovert | jij/hij hoverde | gehoverd |
| huggen | knuffelen | ik hug, jij/hij hugt | jij/hij hugde | gehugd |
| hunten | hoger personeel werven | ik hunt, jij/hij hunt | jij/hij huntte | gehunt |
| hurryen | haasten | ik hurry, jij/hij hurryt | jij/hij hurryde | gehurryd |
| hushkitten | vliegtuigmotoren stiller maken | ik hushkit, jij/hij hushkit | jij/hij hushkitte | gehushkit |
| hypen | via de media tot een hype maken | ik hype, jij/hij hypet | jij/hij hypete | gehypet |
| hyperlinken | een link aanbrengen naar een ander document | ik hyperlink, jij/hij hyperlinkt | jij/hij hyperlinkte | gehyperlinkt |
| hyven | actief zijn op Hyves | ik hyve, jij/hij hyvet | jij/hij hyvede | gehyved |
begin a b c d e f g h I j k l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| ijshockeyen | hockey spelen op het ijs | ik ijshockey, jij/hij ijshockeyt | jij/hij ijshockeyde | geijshockeyd |
| ijsracen | met een motor met spijkerbanden racen op een ijsbaan | ik ijsrace, jij/hij ijsracet | jij/hij ijsracete | geijsracet |
| ijssurfen | zich op een zeilplank met schaatsen laten voortglijden | ik ijssurf, jij/hij ijssurft | jij/hij ijssurfte/ ijssurfde | geijssurft/ geijssurfd |
| inchecken | zich melden; zich laten inschrijven | ik check in, jij/hij checkt in | jij/hij checkte in | ingecheckt |
| indubben | nieuw geluid invoegen op een geluidsband die al een opname bevat | ik dub in, jij/hij dubt in | jij/hij dubde in | ingedubd |
| infaden | (m.b.t. geluid of beeld) geleidelijk sterker laten worden | ik fade in, jij/hij fadet in | jij/hij fadede in | ingefaded |
| inhalen | inhaleren | ik inhale, jij/hij inhalet | jij/hij inhalede | geïnhaled |
| inlineskaten | op inlineskates rijden | ik inlineskate, jij/hij inlineskatet | jij/hij inlineskatete | geïnlineskatet |
| inloggen | verbinding met een (beveiligde) computer tot stand brengen | ik log in, jij/hij logt in | jij/hij logde in | ingelogd |
| inplannen | in de planning opnemen | ik plan in, jij/hij plant in | jij/hij plande in | ingepland |
| inpluggen | op elkaar aansluiten door middel van stekkertjes | ik plug in, jij/hij plugt in | jij/hij plugde in | ingeplugd |
| inscannen | door scannen opnemen in een document | ik scan in, jij/hij scant in | jij/hij scande in | ingescand |
| insealen | (luchtdicht) verpakken in plastic | /tr /tr td ik seal in, jij/hij sealt in | ik feedback, /tr/tdtd /td jij/hij google+/td/td/td inscannen/td /em gehackt zich op een zeilplank met schaatsen laten voortglijden jij/hij sealde in | ingeseald |
| inserten | invoegen | ik insert, jij/hij insert | jij/hij insertte | geïns/td¨ /td strongert |
| insourcen | activiteiten onder verantwoordelijkheid van een ander bedrijf in het eigen bedrijf laten uitvoeren | ik /tdtr/td /td gsmtrsource in, jij/hij sourcet in | jij/h op afspraak bij elkaar komen, iets onverwachts doen en dan weer uiteengaan jij/hij flooddetda href= growlen /tr ij sourcete in | ingesourcet |
| intaken | een intakegesprek voeren | ik take in, jij/hij taket in | jij/hij takete in | ingetaket |
| intapen | ter bescherming met tape omwinden | ik tape in, jij/hij tapet in | jij/hij tapete in | ingetapet |
| inteachen | programmeren, instellen | ik teach in, jij/hij teacht in | jij/hij teachte in | ingeteacht |
| interfacen | koppelen (van computers, apparatuur e.d.) | ik interface, jij/hij interfacet | jij/hij interfacete | geïnterfacet |
| internetten | gebruikmaken van het internet | ik internet, jij/hij internet | jij/hij internette | geïnternet |
| interrailen | internationale treinreizen maken | ik interrail, jij/hij interrailt | jij/hij interrailde | geïnterraild |
| interviewen | een vraaggesprek houden met | ik interview, jij/hij interviewt | jij/hij interviewde | geïnterviewd |
| intunen | afstemmen op | ik tune in, jij/hij tunet in | jij/hij tunede in | ingetuned |
| intypen | intoetsen | ik typ in, jij/hij typt in | jij/hij typte in | ingetypt |
| inviten | uitnodigen | ik invite, jij/hij invitet | jij/hij invitete | geïnvitet |
| inzoomen | met een zoomlens een persoon of een zaak groter in beeld brengen | ik zoom in, jij/hij zoomt in | jij/hij zoomde in | ingezoomd |
| ipadden | met de iPad bezig zijn | ik ipad, jij/hij ipadt | jij/hij ipadde | geïpad |
begin a b c d e f g h i J k l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| jailbreaken | bestandssysteem van iPod of iPhone openbreken | ik jailbreak, jij/hij jailbreakt | jij/hij jailbreakte | gejailbreakt |
| jammen | improviseren | ik jam, jij/hij jamt | jij/hij jamde | gejamd |
| jazzdancen | dansen op jazzmuziek | ik jazzdance, jij/hij jazzdancet | jij/hij jazzdancete | gejazzdancet |
| jetgrouten | bepaalde techniek toepassen bij het verstevigen van funderingen | ik jetgrout, jij/hij jetgrout | jij/hij jetgroutte | gejetgrout |
| jetskiën | met een waterscooter varen | ik jetski, jij/hij jetskiet | jij/hij jetskiede | gejetskied |
| jetten | met een waterscooter varen | ik jet, jij/hij jet | jij/hij jette | gejet |
| jiggen | vissen met kunstaas aan een lange lijn | ik jig, jij/hij jigt | jij/hij jigde | gejigd |
| jitterbuggen | de jitterbug dansen | ik jitterbug, jij/hij jitterbugt | jij/hij jitterbugde | gejitterbugd |
| jiven | de jive dansen | ik jive, jij/hij jivet | jij/hij jivede | gejived |
| jobben | bijklussen | ik job, jij/hij jobt | jij/hij jobde | gejobd |
| jobhoppen | vaak van baan veranderen | ik jobhop, jij/hij jobhopt | jij/hij jobhopte | gejobhopt |
| jobsearchen | naar een baan zoeken | ik jobsearch, jij/hij jobsearcht | jij/hij jobsearchte | gejobsearcht |
| jobshoppen | telkens op zoek zijn naar een betere baan | ik jobshop, jij/hij jobshopt | jij/hij jobshopte | gejobshopt |
| jobtracken | carrière maken | ik jobtrack, jij/hij jobtrackt | jij/hij jobtrackte | gejobtrackt |
| jogglen | stalen platen buigen | ik joggle, jij/hij jogglet | jij/hij jogglede | gejoggled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: joggelen | ik joggel, jij/hij joggelt | jij/hij joggelde | gejoggeld | |
| joggen | hardlopen als ontspanning | ik jog, jij/hij jogt | jij/hij jogde | gejogd |
| joken | grapjes maken | ik joke, jij/hij joket | jij/hij jokete | gejoket |
| joyriden | een plezierrit maken in een gestolen voertuig | ik joyride, jij/hij joyridet | jij/hij joyridede | gejoyrided |
| jugglen | scratchen op de beat van de muziek | ik juggle, jij/hij jugglet | jij/hij jugglede | gejuggled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: juggelen | ik juggel, jij/hij juggelt | jij/hij juggelde | gejuggeld | |
| jumpen | bepaalde dans op housemuziek uitvoeren | ik jump, jij/hij jumpt | jij/hij jumpte | gejumpt |
| jumpstylen | bepaalde dans op housemuziek uitvoeren | ik jumpstyle, jij/hij jumpstylet | jij/hij jumpstylede | gejumpstyled |
| junken | junkfood eten | ik junk, jij/hij junkt | jij/hij junkte | gejunkt |
begin a b c d e f g h i j K l m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| kangoojumpen | hardlopen op schoenen waarin veren zijn gemonteerd | ik kangoojump, jij/hij kangoojumpt | jij/hij kangoojumpte | gekangoojumpt |
| karten | in een kart rijden | ik kart, jij/hij kart | jij/hij kartte | gekart |
| keepen | de doelman zijn | ik keep, jij/hij keept | jij/hij keepte | gekeept |
| keyen | regelen; afstemmen | ik key, jij/hij keyt | jij/hij keyde | gekeyd |
| keyloggen | (toetsaanslagen) registreren door middel van software | ik keylog, jij/hij keylogt | jij/hij keylogde | gekeylogd |
| kickbiken | steppen op een kickbike | ik kickbike, jij/hij kickbiket | jij/hij kickbikete | gekickbiket |
| kickboksen | een combinatie van boksen, judo en karate beoefenen | ik kickboks, jij/hij kickbokst | jij/hij kickbokste | gekickbokst |
| kicken | enthousiast worden | ik kick, jij/hij kickt | jij/hij kickte | gekickt |
| kidnappen | ontvoeren | ik kidnap, jij/hij kidnapt | jij/hij kidnapte | gekidnapt |
| killen | doden | ik kill, jij/hij killt | jij/hij killde | gekilld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik kil, jij/hij kilt | jij/hij kilde | gekild | |
| kiteboarden | surfen terwijl men zich laat voorttrekken door een vlieger | ik kiteboard, jij/hij kiteboardt | jij/hij kiteboardde | gekiteboard |
| kiten | vliegeren | ik kite, jij/hij kitet | jij/hij kitete | gekitet |
| kiteskaten | skaten terwijl men zich laat voorttrekken door een vlieger | ik kiteskate, jij/hij kiteskatet | jij/hij kiteskatete | gekiteskatet |
| kitesurfen | surfen terwijl men zich laat voorttrekken door een vlieger | ik kitesurf, jij/hij kitesurft | jij/hij kitesurfte/ kitesurfde | gekitesurft/ gekitesurfd |
| klonen | een duplicaat maken van | ik kloon, jij/hij kloont | jij/hij kloonde | gekloond |
begin a b c d e f g h i j k L m n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| labelen | markeren | ik label, jij/hij labelt | jij/hij labelde | gelabeld |
| lapdancen | schootdansen | ik lapdance, jij/hij lapdancet | jij/hij lapdancete | gelapdancet |
| larpen | meedoen aan een omvangrijk, lijfelijk uitgevoerd rollenspel | ik larp, jij/hij larpt | jij/hij larpte | gelarpt |
| laseren | met laser behandelen | ik laser, jij/hij lasert | jij/hij laserde | gelaserd |
| launchen | lanceren, uitbrengen | ik launch, jij/hij launcht | jij/hij launchte | gelauncht |
| lay-outen | de lay-out maken van | ik lay-out, jij/hij lay-out | jij/hij lay-outte | gelay-out |
| leasen | (ver)huren | ik lease, jij/hij least | jij/hij leaste/ leasde | geleast/ geleasd |
| In de officiële spelling: | ik lease, jij/hij leaset | jij/hij leasete/ leasede | geleaset/ geleased | |
| leftclicken | de linkermuisknop gebruiken | ik leftclick, jij/hij leftclickt | jij/hij leftclickte | geleftclickt |
| levelen | egaliseren | ik level, jij/hij levelt | jij/hij levelde | geleveld |
| liften | (op)tillen; gratis meerijden | ik lift, jij/hij lift | jij/hij liftte | gelift |
| liken | iets leuk vinden, m.n. op Facebook | ik like, jij/hij liket | jij/hij likete | geliket |
| linedancen | lijndansen | ik linedance, jij/hij linedancet | jij/hij linedancete | gelinedancet |
| linkedinnen | actief zijn op LinkedIn | ik linkedin, jij/hij linkedint | jij/hij linkedinde | gelinkedind |
| linken | verbinden; verwijzen via hyperlinks; van een hyperlink voorzien | ik link, jij/hij linkt | jij/hij linkte | gelinkt |
| lipsticken | lippenstift opdoen | ik lipstick, jij/hij lipstickt | jij/hij lipstickte | gelipstickt |
| listen | op een lijst plaatsen | ik list, jij/hij list | jij/hij listte | gelist |
| livestreamen | live afspelen van internet | ik livestream, jij/hij livestreamt | jij/hij livestreamde | gelivestreamd |
| loaden | laden | ik load, jij/hij loadt | jij/hij loadde | geload |
| lobben | bij bijvoorbeeld tennis of voetbal een hoge bal spelen | ik lob, jij/hij lobt | jij/hij lobde | gelobd |
| lobbyen | aan een lobby meedoen; druk uitoefenen op besluitvorming | ik lobby, jij/hij lobbyt | jij/hij lobbyde | gelobbyd |
| locken | verbinden; sluiten | ik lock, jij/hij lockt | jij/hij lockte | gelockt |
| lockpicken | een deur openen zonder sleutel | ik lockpick, jij/hij lockpickt | jij/hij lockpickte | gelockpickt |
| loggen | verbinden met een computernetwerk; een weblog bijhouden | ik log, jij/hij logt | jij/hij logde | gelogd |
| longboarden | skaten met een soort skateboard van langer dan een meter | ik longboard, jij/hij longboardt | jij/hij longboardde | gelongboard |
| loopen | een looping maken | ik loop, jij/hij loopt | jij/hij loopte | geloopt |
| loungen | ontspannen met een hapje en drankje | ik lounge, jij/hij lounget | jij/hij loungede | gelounged |
| lumbecken | boekbinden | ik lumbeck, jij/hij lumbeckt | jij/hij lumbeckte | gelumbeckt |
| lunchen | de middagmaaltijd gebruiken | ik lunch, jij/hij luncht | jij/hij lunchte | geluncht |
| lurken | berichten lezen van een nieuwsgroep maar zelf niets plaatsen | ik lurk, jij/hij lurkt | jij/hij lurkte | gelurkt |
| lynchen | vermoorden in (volks)woede zonder rechtszaak | ik lynch, jij/hij lyncht | jij/hij lynchte | gelyncht |
begin a b c d e f g h i j k l M n o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| mailbomben | heel veel mail sturen naar een e-mailadres | ik mailbomb, jij/hij mailbombt | jij/hij mailbombde | gemailbombd |
| mailen | per post of e-mail sturen | ik mail, jij/hij mailt | jij/hij mailde | gemaild |
| mailmergen | een sjabloonbrief (waarin alleen de unieke gegevens van een klant verschillen) versturen; samenvoegen | ik mailmerge, jij/hij mailmerget | jij/hij mailmergede | gemailmerged |
| make-uppen | opmaken | ik make-up, jij/hij make-upt | jij/hij make-upte | gemake-upt |
| managen | besturen; klaarspelen | ik manage, jij/hij managet | jij/hij managede | gemanaged |
| mappen | in kaart brengen | ik map, jij/hij mapt | jij/hij mapte | gemapt |
| marken | markeren | ik mark, jij/hij markt | jij/hij markte | gemarkt |
| marketen | volgens een plan aan de man brengen | ik market, jij/hij market | jij/hij markette | gemarket |
| matchen | een wedstrijd houden; ergens bij (laten) passen | ik match, jij/hij matcht | jij/hij matchte | gematcht |
| matchracen | (van zeil-, roeiboten) met het gehele deelnemersveld een wedstrijd varen | ik matchrace, jij/hij matchracet | jij/hij matchracete | gematchracet |
| meesurfen | zonder inspanning gebruikmaken van, deelnemen aan iets | ik surf mee, jij/hij surft mee | jij/hij surfte/surfde mee | meegesurft/ meegesurfd |
| memoryen | memory spelen | ik memory, jij/hij memoryt | jij/hij memoryde | gememoryd |
| mentionen | noemen, melding maken van (m.n. in sociale media) | ik mention, jij/hij mentiont | jij/hij mentionde | gementiond |
| merchandisen | afgeleide producten op de markt brengen | ik merchandise, jij/hij merchandiset | jij/hij merchandisede | gemerchandised |
| mergen | samenvoegen | ik merge, jij/hij merget | jij/hij mergede | gemerged |
| messagen | berichten uitwisselen via msn | ik message, jij/hij messaget | jij/hij messagede | gemessaged |
| midgetgolfen | minigolf spelen | ik midgetgolf, jij/hij midgetgolft | jij/hij midgetgolfte/ midgetgolfde | gemidgetgolft/ gemidgetgolfd |
| mindmappen | schematisch weergeven | ik mindmap, jij/hij mindmapt | jij/hij mindmapte | gemindmapt |
| mindsurfen | spelenderwijs mentaal reageren op beeld en geluid | ik mindsurf, jij/hij mindsurft | jij/hij mindsurfte/ mindsurfde | gemindsurft/ gemindsurfd |
| minibloggen | een miniweblog bijhouden | ik miniblog, jij/hij miniblogt | jij/hij miniblogde | geminiblogd |
| mismatchen | een slechte combinatie vormen | ik mismatch, jij/hij mismatcht | jij/hij mismatchte | gemismatcht |
| mixen | mengen, kloppen | ik mix, jij/hij mixt | jij/hij mixte | gemixt |
| mms'en | multimedia message service gebruiken | ik mms, jij/hij mms't | jij/hij mms'te | ge-mms't |
| mobben | intimideren, pesten | ik mob, jij/hij mobt | jij/hij mobde | gemobd |
| mobloggen | een weblog bijhouden waar met de mobiele telefoon gemaakte digitale foto's geüpload kunnen worden | ik moblog, jij/hij moblogt | jij/hij moblogde | gemoblogd |
| modelen | vormgeven | ik model, jij/hij modelt | jij/hij modelde | gemodeld |
| monitoren | in de gaten houden, controleren; voortgangscontrole uitoefenen | ik monitor, jij/hij monitort | jij/hij monitorde | gemonitord |
| monopolyen | monopoly spelen | ik monopoly, jij/hij monopolyt | jij/hij monopolyde | gemonopolyd |
| moonen | het achterwerk laten zien | ik moon, jij/hij moont | jij/hij moonde | gemoond |
| moonlighten | bijklussen | ik moonlight, jij/hij moonlight | jij/hij moonlightte | gemoonlight |
| moonwalken | de moonwalk van Michael Jackson doen | ik moonwalk, jij/hij moonwalkt | jij/hij moonwalkte | gemoonwalkt |
| morfen | door digitale manipulatie vervormen | ik morf, jij/hij morft | jij/hij morfte | gemorft |
| morphen | afbeeldingen samenvoegen | ik morph, jij/hij morpht | jij/hij morphte | gemorpht |
| moshen | dansen met wilde armbewegingen | ik mosh, jij/hij mosht | jij/hij moshte | gemosht |
| motorcrossen | meedoen aan een terreinwedstrijd voor crossmotors | ik motorcross, jij/hij motorcrosst | jij/hij motorcrosste | gemotorcrosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik motorcros, jij/hij motorcrost | jij/hij motorcroste | gemotorcrost | |
| mountainbiken | terreinfietsen | ik mountainbike, jij/hij mountainbiket | jij/hij mountainbikete | gemountainbiket |
| mountainboarden | van een helling naar beneden glijden op een soort skateboard met luchtbanden | ik mountainboard, jij/hij mountainboardt | jij/hij mountainboardde | gemountainboard |
| mounten | terreinfietsen; een virtuele cd-/dvd-speler creëren op je computer | ik mount, jij/hij mount | jij/hij mountte | gemount |
| moven | weggaan, zich uit de voeten maken | ik move, jij/hij movet | jij/hij movede | gemoved |
| msn'en | berichten uitwisselen via msn | ik msn, jij/hij msn't | jij/hij msn'de | ge-msn'd |
| mtb'en | mountainbiken | ik mtb, jij/hij mtb't | jij/hij mtb'de | ge-mtb'd |
| mulchen | deklaag van mulch aanbrengen | ik mulch, jij/hij mulcht | jij/hij mulchte | gemulcht |
| multicasten | via verschillende kanalen uitzenden | ik multicast, jij/hij multicast | jij/hij multicastte | gemulticast |
| multitasken | meerdere taken tegelijk uitvoeren | ik multitask, jij/hij multitaskt | jij/hij multitaskte | gemultitaskt |
| muten | tijdelijk stil doen zijn | ik mute, jij/hij mutet | jij/hij mutete | gemutet |
begin a b c d e f g h i j k l m N o p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| nachecken | nagaan | ik check na, jij/hij checkt na | jij/hij checkte na | nagecheckt |
| namedroppen | zogenaamd terloops namen van bekendheden als kennissen noemen | ik namedrop, jij/hij namedropt | jij/hij namedropte | genamedropt |
| narrowcasten | uitzenden voor een bepaalde doelgroep | ik narrowcast, jij/hij narrowcast | jij/hij narrowcastte | genarrowcast |
| nearshoren | werkzaamheden in niet zo verre (lagelonen)lannbsp; jij/hij levelde gelockpickt/td den laten uitvoeren | ik nearshore, jij/hij nearshoret | jij/hij nearshorede | /td/td/a gemotorcrossttd genearshored |
| nerden | als een nerd, monomaan, met iets bezig zijn | ik nerd, jij/hij nerdt | jij/hij nerdde | generd |
| nesten | inbedden | ik nest, jij/hij nest | jij/hij nestte | genest |
| netcasten | via een netwerk uitzenden | td ontvoeren/a/td livestreamentd/tr/td ik netcast, jij/hij netcast | jij/hij netcastte | genetcast |
| netshoppen | via internet shoppen | ik netshop, jij/hij netshopt | jij/hij netshopte | genetshopt |
| netsurfen | informatie zoeken op internet | ik netsurf, jij/hij netsurft | jij/hij netsurfte/ netsurfde | genetsurft/ genetsurfd |
| netvertisen | op internet adverteren | ik netvertise, jij/hij netvertiset | jij/hij netvertisede | genetvertised |
| nordicwalken | intensieve matd /td /td/td /a nier van wandelen waarbij skistokken worden gebruikt | ik nordicwalk, jij/hij nordicwalkt | jij/hij nordicwalkte | genordicwalkt |
| nuken | door middel van kernwapens uitschakelen; iemands computer laten crashen | ik nuke, jij/hij nuket | jij/hij nukete | genuket |
| numbercrunchen | ingewikkelde berekeningen maken | ik numbercrunch, jij/hij numbercruncht | jij/hij numbercrunchte | genumbercruncht |
| nursen | verzorgen; zustertje spelen als seksspel | ik nurse, jij/hij nurset | jij/hij nursete | genurset |
begin a b c d e f g h i j k l m n O p q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| occupyen | meedoen met de Occupy-beweging; bezetten | ik occupy, jij/hij occupyt | jij/hij occupyde | geoccupyd |
| ocr'en | optische tekenherkenning door een scanner toepassen | ik ocr, jij/hij ocr't | jij/hij ocr'de | ge-ocr'd |
| offsetten | drukken op een offsetpers | ik offset, jij/hij offset | jij/hij offsette | geoffset |
| offshoren | laten produceren in lagelonenlanden | ik offshore, jij/hij offshoret | jij/hij offshorede | geoffshored |
| omswitchen | omschakelen; overstappen | ik switch om, jij/hij switcht om | jij/hij switchte om | omgeswitcht |
| omturnen | een andere wending geven; van mening doen veranderen | ik turn om, jij/hij turnt om | jij/hij turnde om | omgeturnd |
| onshoren | in het eigen land (waar de hoofdvestiging van een onderneming is) laten uitvoeren | ik onshore, jij/hij onshoret | jij/hij onshorede | geonshored |
| ontgooglen | Google-informatie onvindbaar maken | ik ontgoogle, jij/hij ontgooglet | jij/hij ontgooglede | ontgoogled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: ontgoogelen | ik ontgoogel, jij/hij ontgoogelt | jij/hij ontgoogelde | ontgoogeld | |
| ontstressen | ontspannen, stress kwijtraken | ik ontstress, jij/hij ontstresst | jij/hij ontstresste | ontstresst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik ontstres, jij/hij ontstrest | jij/hij ontstreste | ontstrest | |
| oppimpen | oude (vervallen) voorwerpen (opzichtig) versieren | ik pimp op, jij/hij pimpt op | jij/hij pimpte op | opgepimpt |
| optimizen | optimaal maken | ik optimize, jij/hij optimizet | jij/hij optimizede | geoptimized |
| orderpicken | bestellingen samenstellen in een magazijn | ik orderpick, jij/hij orderpickt | jij/hij orderpickte | georderpickt |
| organizen | organiseren; ordenen van leef- en/of werkomgeving | ik organize, jij/hij organizet | jij/hij organizede | georganized |
| outfaden | laten vervagen | ik outfade, jij/hij outfadet | jij/hij outfadede | geoutfaded |
| outletshoppen | winkelen in outletwinkels | ik outletshop, jij/hij outletshopt | jij/hij outletshopte | geoutletshopt |
| outletten | winkelen in outletwinkels | ik outlet, jij/hij outlet | jij/hij outlette | geoutlet |
| outlinen | schetsen | ik outline, jij/hij outlinet | jij/hij outlinede | geoutlined |
| outpacen | overtreffen | ik outpace, jij/hij outpacet | jij/hij outpacete | geoutpacet |
| outperformen | overtreffen; het opvallend goed doen | iets/het fonds outperformt | iets/het fonds outperformde | geoutperformd |
| outplacen | ontslaan en begeleiden naar een andere baan | ik outplace, jij/hij outplacet | jij/hij outplacete | geoutplacet |
| outsourcen | uitbesteden | ik outsource, jij/hij outsourcet | jij/hij outsourcete | geoutsourcet |
| outtasken | uitbesteden | ik outtask, jij/hij outtaskt | jij/hij outtaskte | geouttaskt |
| overacten | acteren met overdreven stem en gebaren | ik overact, jij/hij overact | jij/hij overactte | geoveract |
| overflowen | capaciteit overschrijden | ik overflow, jij/hij overflowt | jij/hij overflowde | overflowd |
| overpoweren | met overmacht verslaan; met geweld overmeesteren | ik overpower, jij/hij overpowert | jij/hij overpowerde | overpowerd |
| overrulen | overstemmen; met overmacht verslaan | ik overrule, jij/hij overrulet | jij/hij overrulede | overruled |
| oversellen | meer verkopen dan men heeft | ik oversell, jij/hij oversellt | jij/hij oversellde | overselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik oversel, jij/hij overselt | jij/hij overselde | overseld | |
| overstretchen | te sterk aanspannen | ik overstretch, jij/hij overstretcht | jij/hij overstretchte | overstretcht |
| overviewen | samenvatten | ik overview, jij/hij overviewt | jij/hij overviewde | overviewd |
begin a b c d e f g h i j k l m n o P q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| pacen | tempo aangeven | ik pace, jij/hij pacet | jij/hij pacete | gepacet |
| packagen | verpakken | ik package, jij/hij packaget | jij/hij packagede | gepackaged |
| packen | inpakken | ik pack, jij/hij packt | jij/hij packte | gepackt |
| pagen | oppiepen | ik page, jij/hij paget | jij/hij pagede | gepaged |
| paintballen | elkaar met verfbolletjes beschieten | ik paintball, jij/hij paintballt | jij/hij paintballde | gepaintballd |
| paintbrushen | met verf spuiten | ik paintbrush, jij/hij paintbrusht | jij/hij paintbrushte | gepaintbrusht |
| painten | schilderen | ik paint, jij/hij paint | jij/hij paintte | gepaint |
| pairen | koppelen | ik pair, jij/hij pairt | jij/hij pairde | gepaird |
| pamperen | verwennen en zo afhankelijk houden | ik pamper, jij/hij pampert | jij/hij pamperde | gepamperd |
| paragliden | zweven met een matrasvormig zweefscherm | ik paraglide, jij/hij paraglidet | jij/hij paraglidede | geparaglided |
| parapenten | zweven met een matrasvormig zweefscherm | ik parapent, jij/hij parapent | jij/hij parapentte | geparapent |
| parasailen | achter een voertuig of een snelle boot omhooggetrokken worden en dan zweven met een parachute | ik parasail, jij/hij parasailt | jij/hij parasailde | geparasaild |
| parken | parkeren | ik park, jij/hij parkt | jij/hij parkte | geparkt |
| parsen | syntactisch ontleden | ik parse, jij/hij parset | jij/hij parsete | geparset |
| parttimen | in deeltijd werken | ik parttime, jij/hij parttimet | jij/hij parttimede | geparttimed |
| partycrashen | onuitgenodigd op een feest verschijnen | ik partycrash, jij/hij partycrasht | jij/hij partycrashte | gepartycrasht |
| partyen | feestvieren | ik party, jij/hij partyt | jij/hij partyde | gepartyd |
| partyhoppen | van feest naar feest gaan | ik partyhop, jij/hij partyhopt | jij/hij partyhopte | gepartyhopt |
| passen | een pass geven | ik pass, jij/hij passt | jij/hij passte | gepasst |
| pasten | plakken; invoegen | ik paste, jij/hij pastet | jij/hij pastete | gepastet |
| patchen | een bepaald programmaonderdeel installeren | ik patch, jij/hij patcht | jij/hij patchte | gepatcht |
| payrollen | de verloning van personeel uitbesteden | ik payroll, jij/hij payrollt | jij/hij payrollde | gepayrolld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik payrol, jij/hij payrolt | jij/hij payrolde | gepayrold | |
| peacekeepen | vrede handhaven | ik peacekeep, jij/hij peacekeept | jij/hij peacekeepte | gepeacekeept |
| peelen | de huid cosmetisch behandelen | ik peel, jij/hij peelt | jij/hij peelde | gepeeld |
| peepen | ergens een kijkje nemen | ik peep, jij/hij peept | jij/hij peepte | gepeept |
| peer-to-peeren | informatie uitwisselen via een peer-to-peer-netwerkmodel | ik peer-to-peer, jij/hij peer-to-peert | jij/hij peer-to-peerde | gepeer-to-peerd |
| peptalken | opbeurend toespreken | ik peptalk, jij/hij peptalkt | jij/hij peptalkte | gepeptalkt |
| performen | presteren | ik perform, jij/hij performt | jij/hij performde | geperformd |
| phishen | iemands creditcardgegevens ontfutselen | ik phish, jij/hij phisht | jij/hij phishte | gephisht |
| photoshoppen (ook:fotoshoppen) | beeld bewerken met een computerprogramma, fotoshoppen | ik photoshop, jij/hij photoshopt | jij/hij photoshopte | gephotoshopt |
| picken | selecteren | ik pick, jij/hij pickt | jij/hij pickte | gepickt |
| picknicken | in de vrije natuur eten | ik picknick, jij/hij picknickt | jij/hij picknickte | gepicknickt |
| piercen | een gaatje in een lichaamsdeel laten maken en er een sieraad in hangen | ik pierce, jij/hij piercet | jij/hij piercete | gepiercet |
| pimpen | versieren, opsmukken | ik pimp, jij/hij pimpt | jij/hij pimpte | gepimpt |
| pinchen | met twee vingers zoomen op een aanraakscherm | ik pinch, jij/hij pincht | jij/hij pinchte | gepincht |
| pingen | een webadres of internetverbinding testen | ik ping, jij/hij pingt | jij/hij pingde | gepingd |
| pitchen | werpen; bepaalde slag bij het golfen doen; een (reclame)opdracht proberen te verwerven door een voorstel te doen; een korte presentatie geven | ik pitch, jij/hij pitcht | jij/hij pitchte | gepitcht |
| plannen | een ontwerp/plan maken voor | ik plan, jij/hij plant | jij/hij plande | gepland |
| playbacken | doen alsof je zelf zingt terwijl er een geluidsband loopt | ik playback, jij/hij playbackt | jij/hij playbackte | geplaybackt |
| pleasen | behagen | ik please, jij/hij pleast | jij/hij pleasde | gepleasd |
| In de officiële spelling: | ik please, jij/hij pleaset | jij/hij pleasede | gepleased | |
| pledgen | plechtig beloven | ik pledge, jij/hij pledget | jij/hij pledgede | gepledged |
| plotten | de plaats van een vaar- of vliegtuig bepalen, grafisch weergeven | ik plot, jij/hij plot | jij/hij plotte | geplot |
| pluggen | nieuwe platen (of musici) steeds weer (voor de radio) ten gehore brengen | ik plug, jij/hij plugt | jij/hij plugde | geplugd |
| podcasten | digitaal uitzenden | ik podcast, jij/hij podcast | jij/hij podcastte | gepodcast |
| pogoën | pogo dansen (dansen op punkmuziek) | ik pogo, jij/hij pogoot | jij/hij pogode | gepogood |
| poken | virtueel 'aanstoten' op Facebook | ik poke, jij/hij poket | jij/hij pokete | gepoket |
| polishen | polijsten, vervolmaken | ik polish, jij/hij polisht | jij/hij polishte | gepolisht |
| pollen | een opiniepeiling houden | ik poll, jij/hij pollt | jij/hij pollde | gepolld |
| poloën | polo spelen | ik polo, jij/hij poloot | jij/hij polode | gepolood |
| poolen | een pool vormen; poolbiljart spelen | ik pool, jij/hij poolt | jij/hij poolde | gepoold |
| popcornen | rare sprongen maken (caviagedrag) | ik popcorn, jij/hij popcornt | jij/hij popcornde | gepopcornd |
| pop-uppen | (laten) openklappen; in beeld verschijnen | ik pop-up, jij/hij pop-upt | jij/hij pop-upte | gepop-upt |
| posten | berichten plaatsen op weblogs, fora e.d. | ik post, jij/hij post | jij/hij postte | gepost |
| powerdressen | imponeren door kleding | ik powerdress, jij/hij powerdresst | jij/hij powerdresste | gepowerdresst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik powerdres, jij/hij powerdrest | jij/hij powerdreste | gepowerdrest | |
| poweren | aandrijven | ik power, jij/hij powert | jij/hij powerde | gepowerd |
| powerliften | gewichtheffen | ik powerlift, jij/hij powerlift | jij/hij powerliftte | gepowerlift |
| pownen | vernederen | ik pown, jij/hij pownt | jij/hij pownde | gepownd |
| powerpointen | een powerpointpresentatie maken | ik powerpoint, jij/hij powerpoint | jij/hij powerpointte | gepowerpoint |
| powerwalken | flink doorwandelen met krachtige armbewegingen | ik powerwalk, jij/hij powerwalkt | jij/hij powerwalkte | gepowerwalkt |
| prankcallen | opbellen (lastigvallen) met nepberichten | ik prankcall, jij/hij prankcallt | jij/hij prankcallde | geprankcalld |
| preachen | zedepreken | ik preach, jij/hij preacht | jij/hij preachte | gepreacht |
| presetten | instellen; afstemmen | ik preset, jij/hij preset | jij/hij presette | gepreset |
| previewen | voorvertonen; een proefversie bekijken | ik preview, jij/hij previewt | jij/hij previewde | gepreviewd |
| pricen | taxeren; prijzen | ik price, jij/hij pricet | jij/hij pricete | gepricet |
| primen | in de grondverf zetten; in een zoutoplossing leggen; conditioneren | ik prime, jij/hij primet | jij/hij primede | geprimed |
| printen | afdrukken | ik print, jij/hij print | jij/hij printte | geprint |
| processen | voortbrengen | ik process, jij/hij processt | jij/hij processte | geprocesst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik proces, jij/hij procest | jij/hij proceste | geprocest | |
| producen | de niet-artistieke leiding voeren | ik produce, jij/hij producet | jij/hij producete | geproducet |
| promoten | aanprijzen | ik promoot, jij/hij promoot | jij/hij promootte | gepromoot |
| prompten | een commando voorbereiden | ik prompt, jij/hij prompt | jij/hij promptte | geprompt |
| proofreaden | proeflezen, corrigeren | ik proofread, jij/hij proofreadt | jij/hij proofreadde | geproofread |
| providen | als internet- of telefoonaanbieder optreden | ik provide, jij/hij providet | jij/hij providede | geprovided |
| publishen | publiceren | ik publish, jij/hij publisht | jij/hij publishte | gepublisht |
| puddlen | ruw ijzer veranderen in staal | ik puddle, jij/hij puddlet | jij/hij puddlede | gepuddled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: puddelen | ik puddel, jij/hij puddelt | jij/hij puddelde | gepuddeld | |
| pullen | trekken | ik pull, jij/hij pullt | jij/hij pullde | gepulld |
| punchen | slaan | ik punch, jij/hij puncht | jij/hij punchte | gepuncht |
| pushen | aansporen; naar voren schuiven; drugs verhandelen | ik push, jij/hij pusht | jij/hij pushte | gepusht |
| putten | een hole maken door de bal over de green te slaan | ik putt, jij/hij putt | jij/hij putte | geputt |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik put, jij/hij put | jij/hij putte | geput | |
| puzzelen | een puzzel doen | ik puzzel, jij/hij puzzelt | jij/hij puzzelde | gepuzzeld |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p Q r s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| quadden | rijden op een klein vierwielig motorrijtuig met brede banden en een motorstuur | ik quad, jij/hij quadt | jij/hij quadde | gequad |
| quenchen | uitdoven, stilzetten | ik quench, jij/hij quencht | jij/hij quenchte | gequencht |
| queryen | een zoekopdracht uitvoeren in een databank | ik query, jij/hij queryt | jij/hij queryde | gequeryd |
| queuen | een rij vormen | ik queue, jij/hij queuet | jij/hij queuede | gequeued |
| In de officiële spelling: queueën | ik queue, jij/hij queuet | jij/hij queuede | gequeued | |
| quitten | opgeven; verlaten | ik quit, jij/hij quit | jij/hij quitte | gequit |
| quizzen | deelnemen aan een quiz | ik quiz, jij/hij quizt | jij/hij quizde | gequizd |
| quoten | citeren | ik quoot, jij/hij quoot | jij/hij quootte | gequoot |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q R s t u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| racen | aan een snelheidswedstrijd deelnemen; heel snel lopen of rijden | ik race, jij/hij racet | jij/hij racete | geracet |
| raften | wildwatervaren op een vlot | ik raft, jij/hij raft | jij/hij raftte | geraft |
| raiden | een bedrijfsovername plegen | ik raid, jij/hij raidt | jij/hij raidde | geraid |
| rallyen | deelnemen aan een wedstrijd; slagenwisselingen bij bv. het tennis uitvoeren; een koersherstel doormaken | ik rally, jij/hij rallyt | jij/hij rallyde | gerallyd |
| randomizen | willekeurig maken | ik randomize, jij/hij randomizet | jij/hij randomizede | gerandomized |
| ranken | in een rangorde plaatsen | ik rank, jij/hij rankt | jij/hij rankte | gerankt |
| rappen | (geïmproviseerde) teksten zingzeggen | ik rap, jij/hij rapt | jij/hij rapte | gerapt |
| raten | classificeren | ik rate, jij/hij ratet | jij/hij ratete | geratet |
| raven | aan een houseparty deelnemen | ik rave, jij/hij ravet | jij/hij ravede | geraved |
| rebadgen | een product onder een nieuwe of andere (merk)naam verkopen | ik rebadge, jij/hij rebadget | jij/hij rebadgede | gerebadged |
| rebalancen | weer in balans brengen | ik rebalance, jij/hij rebalancet | jij/hij rebalancete | gerebalancet |
| rebirthen | de eigen geboorte herleven | ik rebirth, jij/hij rebirtht | jij/hij rebirthte | gerebirtht |
| rebooten | computer opnieuw opstarten | ik reboot, jij/hij reboot | jij/hij rebootte | gereboot |
| rebounden | een tegenaanval doen | ik rebound, jij/hij reboundt | jij/hij reboundde | gerebound |
| rebuilden | herbouwen | ik rebuild, jij/hij rebuildt | jij/hij rebuildde | gerebuild |
| recallen | terugroepen naar de fabriek | ik recall, jij/hij recallt | jij/hij recallde | gerecalld |
| recoupen | terugwinnen; winst delen | ik recoup, jij/hij recoupt | jij/hij recoupte | gerecoupt |
| recoveren | herstellen | ik recover, jij/hij recovert | jij/hij recoverde | gerecoverd |
| recruiten | personeel werven | ik recruit, jij/hij recruit | jij/hij recruitte | gerecruit |
| recyclen | hergebruiken | ik recycle, jij/hij recyclet | jij/hij recyclede | gerecycled |
| redeemen | terugkopen | ik redeem, jij/hij redeemt | jij/hij redeemde | geredeemd |
| redialen | opnieuw bellen | ik redial, jij/hij redialt | jij/hij redialde | gerediald |
| redirecten | digitale data doorsturen | ik redirect, jij/hij redirect | jij/hij redirectte | geredirect |
| re-enacten | een historische gebeurtenis naspelen | ik re-enact, jij/hij re-enact | jij/hij re-enactte | gere-enact |
| re-engineeren | herstructureren | ik re-engineer, jij/hij re-engineert | jij/hij re-engineerde | gere-engineerd |
| refinancen | herfinancieren | ik refinance, jij/hij refinancet | jij/hij refinancete | gerefinancet |
| reformen | door verhitting omzetten | ik reform, jij/hij reformt | jij/hij reformde | gereformd |
| refreshen | verfrissen; verversen | ik refresh, jij/hij refresht | jij/hij refreshte | gerefresht |
| refunden | vergoeden | ik refund, jij/hij refundt | jij/hij refundde | gerefund |
| rejecten | afwijzen, verwerpen | ik reject, jij/hij reject | jij/hij rejectte | gereject |
| relaxen | zich ontspannen | ik relax, jij/hij relaxt | jij/hij relaxte | gerelaxt |
| releasen | uitbrengen, introduceren | ik release, jij/hij releast | jij/hij releaste/ releasde | gereleast/ gereleasd |
| In de officiële spelling: | ik release, jij/hij releaset | jij/hij releasete/ releasede | gereleaset/ gereleased | |
| relocaten | opnieuw vestigen; herplaatsen | ik relocate, jij/hij relocatet | jij/hij relocatete | gerelocatet |
| remaken | opnieuw maken | ik remake, jij/hij remaket | jij/hij remakete | geremaket |
| remasteren | kopiëren en zo bewerken dat digitale weergave mogelijk wordt | ik remaster, jij/hij remastert | jij/hij remasterde | geremasterd |
| reminden | herinneren aan | ik remind, jij/hij remindt | jij/hij remindde | geremind |
| remixen | muzieknummers opnieuw in elkaar zetten | ik remix, jij/hij remixt | jij/hij remixte | geremixt |
| remodelen | hermodelleren | ik remodel, jij/hij remodelt | jij/hij remodelde | geremodeld |
| removen | verwijderen | ik remove, jij/hij removet | jij/hij removede | geremoved |
| repeaten | herhalen | ik repeat, jij/hij repeat | jij/hij repeatte | gerepeat |
| replacen | vervangen | ik replace, jij/hij replacet | jij/hij replacete | gereplacet |
| replyen | (digitaal) antwoorden | ik reply, jij/hij replyt | jij/hij replyde | gereplyd |
| requesten | verzoeken | ik request, jij/hij request | jij/hij requestte | gerequest |
| rerouten | langs een andere route doen gaan | ik rerout, jij/hij rerout | jij/hij reroutte | gererout |
| rescalen | op een andere schaal brengen | ik rescale, jij/hij rescalet | jij/hij rescalede | gerescaled |
| reschedulen | een nieuw (uitzend)tijdstip kiezen | ik reschedule, jij/hij reschedulet | jij/hij reschedulede | gerescheduled |
| researchen | onderzoeken | ik research, jij/hij researcht | jij/hij researchte | geresearcht |
| resellen | doorverkopen | ik resell, jij/hij resellt | jij/hij resellde | gereselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik resel, jij/hij reselt | jij/hij reselde | gereseld | |
| resetten | opnieuw instellen, opnieuw opstarten | ik reset, jij/hij reset | jij/hij resette | gereset |
| reshufflen | herverdelen | ik reshuffle, jij/hij reshufflet | jij/hij reshufflede | gereshuffled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: reshuffelen | ik reshuffel, jij/hij reshuffelt | jij/hij reshuffelde | gereshuffeld | |
| resizen | op de geschikte grootte brengen | ik resize, jij/hij resizet | jij/hij resizede | geresized |
| resolven | oplossen | ik resolve, jij/hij resolvet | jij/hij resolvede | geresolved |
| resourcen | van middelen/geld voorzien | ik resource, jij/hij resourcet | jij/hij resourcete | geresourcet |
| restoren | herstellen, reconstrueren | ik restore, jij/hij restoret | jij/hij restorede | gerestored |
| restylen | een andere vorm geven | ik restyle, jij/hij restylet | jij/hij restylede | gerestyled |
| retailen | in het klein verkopen, aan eindgebruikers leveren | ik retail, jij/hij retailt | jij/hij retailde | geretaild |
| retrieven | herstellen, terugkrijgen | ik retrieve, jij/hij retrievet | jij/hij retrievede | geretrieved |
| retrofitten | de technisch verouderde onderdelen of systemen vernieuwen | ik retrofit, jij/hij retrofit | jij/hij retrofitte | geretrofit |
| returnen | terugkeren, opleveren | ik return, jij/hij returnt | jij/hij returnde | gereturnd |
| retweeten | een Twitterbericht (tweet) van een ander 'doorplaatsen' voor je eigen volgers | ik retweet, jij/hij retweet | jij/hij retweette | geretweet |
| reviewen | bespreken, recenseren | ik review, jij/hij reviewt | jij/hij reviewde | gereviewd |
| rightclicken | de rechtermuisknop gebruiken | ik rightclick, jij/hij rightclickt | jij/hij rightclickte | gerightclickt |
| rightsizen | op de geschikte grootte brengen | ik rightsize, jij/hij rightsizet | jij/hij rightsizede | gerightsized |
| rimmen | kontlikken | ik rim, jij/hij rimt | jij/hij rimde | gerimd |
| ringfencen | afzonderlijk beheren | ik ringfence, jij/hij ringfencet | jij/hij ringfencete | geringfencet |
| ripdealen | overvallen om te beroven | ik ripdeal, jij/hij ripdealt | jij/hij ripdealde | geripdeald |
| rippen | data van een medium kopiëren naar een ander medium | ik rip, jij/hij ript | jij/hij ripte | geript |
| risken | riskeren; Risk spelen | ik risk, jij/hij riskt | jij/hij riskte | geriskt |
| roadpricen | tol heffen | ik roadprice, jij/hij roadpricet | jij/hij roadpricete | geroadpricet |
| roamen | verschillende telecomaanbieders hebben | ik roam, jij/hij roamt | jij/hij roamde | geroamd |
| rocken | dansen op/maken van rock-'n-rollmuziek | ik rock, jij/hij rockt | jij/hij rockte | gerockt |
| rock-'n-rollen | dansen op/maken van rock-'n-rollmuziek | ik rock-'n-roll, jij/hij rock-'n-rollt | jij/hij rock-'n-rollde | gerock-'n-rolld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik rock-'n-rol, jij/hij rock-'n-rolt | jij/hij rock-'n-rolde | gerock-'n-rold | |
| rolhockeyen | hockey spelen op rolschaatsen | ik rolhockey, jij/hij rolhockeyt | jij/hij rolhockeyde | gerolhockeyd |
| rollerbladen | op rollerblades rijden | ik rollerblade, jij/hij rollerbladet | jij/hij rollerbladede | gerollerbladed |
| rollerskaten | rolschaatsen | ik rollerskate, jij/hij rollerskatet | jij/hij rollerskatete | gerollerskatet |
| rondmailen | via e-mail rondsturen | ik mail rond, jij/hij mailt rond | jij/hij mailde rond | rondgemaild |
| ropeskippen | touwtjespringen als sport | ik ropeskip, jij/hij ropeskipt | jij/hij ropeskipte | geropeskipt |
| routen | een route bepalen voor | ik rout, jij/hij rout | jij/hij routte | gerout |
| rugbyen | rugby spelen | ik rugby, jij/hij rugbyt | jij/hij rugbyde | gerugbyd |
| rumblen | geluid voortbrengen | ik rumble, jij/hij rumblet | jij/hij rumblede | gerumbled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: rumbelen | ik rumbel, jij/hij rumbelt | jij/hij rumbelde | gerumbeld | |
| rummyen | rummy/rummikub spelen | ik rummy, jij/hij rummyt | jij/hij rummyde | gerummyd |
| runnen | exploiteren, managen | ik run, jij/hij runt | jij/hij runde | gerund |
| runshoppen | haastig boodschappen doen | ik runshop, jij/hij runshopt | jij/hij runshopte | gerunshopt |
| rushen | zich haasten | ik rush, jij/hij rusht | jij/hij rushte | gerusht |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r S t u v w x y z
/td
/tremnbsp;
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| samplen | een digitaal muziekfragment maken/gebruiken | ik sample, jij/hij samplet | jij/hij samplede | gesampled |
| sandboarden | surfen vanaf een zandheuvel | ik sandboard, jij/hij sandboardt | jij/hij sandboardde | gesandboard |
| sandwichen | gemangeld worden; bepaalde manier van tv-programma's programmeren | ik sandwich, jij/hij sandwicht | jij/hij sandwichte | gesandwicht |
| saven | opslaan | ik save, jij/hij savet | jij/hij savede | gesaved |
| scammen | geld aftroggelen | ik scam, jij/hij scamt | jij/hij scamde | gescamd |
| scannen | digitaal laten lezen; snel lezen; automatisch laten doorzoeken | ik scan, jij/hij scant | jij/hij scande | gescand |
| scalen | schalen | ik scale, jij/hij scalet | jij/hij scalede | gescaled |
| scatten | improviserend betekenisloze lettergrepen zingen | ik scat, jij/hij scat | jij/hij scatte | gescat |
| scooteren | met een scooter rijden | ik scooter, jij/hij scootert | jij/hij scooterde | gescooterd |
| schedulen | plannen | ik schedule, jij/hij schedulet | jij/hij schedulede | gescheduled |
| scoopen | opvallend nieuws publiceren | ik scoop, jij/hij scoopt | jij/hij scoopte | gescoopt |
| scoren | een doelpunt maken, in de wacht slepen | ik scoor, jij/hij scoort | jij/hij scoorde | gescoord |
| scrabbelen | scrabble spelen | ik scrabbel, jij/hij scrabbelt | jij/hij scrabbelde | gescrabbeld |
| scramblen | berichten digitaal versleutelen | ik scramble, jij/hij scramblet | jij/hij scramblede | gescrambled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: scrambelen | ik scrambel, jij/hij scrambelt | jij/hij scrambelde | gescrambeld | |
| scrapen | content van websites halen (en zelf gebruiken) | ik scrape, jij/hij scrapet | jij/hij scrapete | gescrapet |
| scratchen | een lp/plaat onder een naald van een pick-up heen en weer bewegen | ik scratch, jij/hij scratcht | jij/hij scratchte | gescratcht |
| screenen | onderzoeken | ik screen, jij/hij screent | jij/hij screende | gescreend |
| scripten | een draaiboek schrijven | ik script, jij/hij script | jij/hij scriptte | gescript |
| scrollen | een pagina over het computerscherm laten rollen | ik scroll, jij/hij scrollt | jij/hij scrollde | gescrolld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik scrol, jij/hij scrolt | jij/hij scrolde | gescrold | |
| scrubben | de huid masseren | ik scrub, jij/hij scrubt | jij/hij scrubde | gescrubd |
| sealen | luchtdicht verpakken, verzegelen | ik seal, jij/hij sealt | jij/hij sealde | geseald |
| searchen | zoeken | ik search, jij/hij searcht | jij/hij searchte | gesearcht |
| secondlifen | het spel SecondLife spelen; een tweede, virtueel leven leiden | ik secondlife, jij/hij secondlifet | jij/hij secondlifete | gesecondlifet |
| sellen | verkopen | ik sell, jij/hij sellt | jij/hij sellde | geselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik sel, jij/hij selt | jij/hij selde | geseld | |
| sequencen | volgorde bepalen | ik sequence, jij/hij sequencet | jij/hij sequencete | gesequencet |
| serven | (bv. bij tennis) opslaan | ik serve, jij/hij servet | jij/hij servede | geserved |
| servicen | onderhoudsbeurt geven, de service verzorgen | ik service, jij/hij servicet | jij/hij servicete | geservicet |
| settelen | vestigen; afhandelen | ik settel, jij/hij settelt | jij/hij settelde | gesetteld |
| setten | instellen; regelen | ik set, jij/hij set | jij/hij sette | geset |
| set-uppen | opslaan | ik set-up, jij/hij set-upt | jij/hij set-upte | geset-upt |
| shaken | schudden | ik shake, jij/hij shaket | jij/hij shakete | geshaket |
| shampooën | wassen/schoonmaken met shampoo | ik shampoo, jij/hij shampoot | jij/hij shampoode | geshampood |
| shapen | modelleren | ik shape, jij/hij shapet | jij/hij shapete | geshapet |
| sharen | delen | ik share, jij/hij sharet | jij/hij sharede | geshared |
| shaven | scheren (met een elektrisch apparaat) | ik shave, jij/hij shavet | jij/hij shavede | geshaved |
| shelteren | schuilen; beschutten | ik shelter, jij/hij sheltert | jij/hij shelterde | geshelterd |
| shiften | verwisselen; verschuiven | ik shift, jij/hij shift | jij/hij shiftte | geshift |
| shimmyen | slingeren onder het rijden/vliegen | ik shimmy, jij/hij shimmyt | jij/hij shimmyde | geshimmyd |
| shippen | verzenden, vaak van een via internet besteld product | ik ship, jij/hij shipt | jij/hij shipte | geshipt |
| shocken | choqueren; een shockbehandeling toepassen | ik shock, jij/hij shockt | jij/hij shockte | geshockt |
| shooten | een fotoreportage maken | ik shoot, jij/hij shoot | jij/hij shootte | geshoot |
| shopliften | winkeldiefstallen plegen | ik shoplift, jij/hij shoplift | jij/hij shopliftte | geshoplift |
| shoppen | winkelen; verschillende aanbiedingen vergelijken | ik shop, jij/hij shopt | jij/hij shopte | geshopt |
| shortcoveren | financiële positie afdekken | ik shortcover, jij/hij shortcovert | jij/hij shortcoverde | geshortcoverd |
| shorten | aandelen verkopen die men niet bezit om ze later tegen een lagere koers in te kopen | ik short, jij/hij short | jij/hij shortte | geshort |
| shortsellen | aandelen verkopen in de verwachting dat de koers zal gaan dalen | ik shortsell, jij/hij shortsellt | jij/hij shortsellde | geshortselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik shortsel, jij/hij shortselt | jij/hij shortselde | geshortseld | |
| shorttracken | schaatsen op een kleine baan | ik shorttrack, jij/hij shorttrackt | jij/hij shorttrackte | geshorttrackt |
| shotten | verdovende middelen injecteren | ik shot, jij/hij shot | jij/hij shotte | geshot |
| showen | tonen; zich uitsloven | ik show, jij/hij showt | jij/hij showde | geshowd |
| shredden | vernietigen; versnipperen | ik shred, jij/hij shredt | jij/hij shredde | geshred |
| shredderen | vernietigen; versnipperen | ik shredder, jij/hij shreddert | jij/hij shredderde | geshredderd |
| shufflen | herschikken | ik shuffle, jij/hij shufflet | jij/hij shufflede | geshuffled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: shuffelen | ik shuffel, jij/hij shuffelt | jij/hij shuffelde | geshuffeld | |
| shunten | parallel schakelen | ik shunt, jij/hij shunt | jij/hij shuntte | geshunt |
| shuttlen | pendelen | ik shuttle, jij/hij shuttlet | jij/hij shuttlede | geshuttled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: shuttelen | ik shuttel, jij/hij shuttelt | jij/hij shuttelde | geshutteld | |
| sightseeën | bezienswaardigheden bezoeken | ik sightsee, jij/hij sightseet | jij/hij sightseede | gesightseed |
| sit-uppen | buikspieroefeningen doen | ik sit-up, jij/hij sit-upt | jij/hij sit-upte | gesit-upt |
| skateboarden | rijden op een plank met wieltjes | ik skateboard, jij/hij skateboardt | jij/hij skateboardde | geskateboard |
| skaten | schaatsen | ik skate, jij/hij skatet | jij/hij skatete | geskatet |
| skeeleren | rolschaatsen | ik skeeler, jij/hij skeelert | jij/hij skeelerde | geskeelerd |
| skiffen | roeien in een skiff | ik skiff, jij/hij skifft | jij/hij skiffte | geskifft |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik skif, jij/hij skift | jij/hij skifte | geskift | |
| skimboarden | surfen op een surfplank die in ondiep water wordt gegooid voordat men erop springt | ik skimboard, jij/hij skimboardt | jij/hij skimboardde | geskimboard |
| skimmen | magneetstrip van een betaalpasje kopiëren | ik skim, jij/hij skimt | jij/hij skimde | geskimd |
| skippen | overslaan | ik skip, jij/hij skipt | jij/hij skipte | geskipt |
| skippyen | met een skippybal springen | ik skippy, jij/hij skippyt | jij/hij skippyde | geskippyd |
| skydiven | uit een vliegtuig springen en de parachute zo laat mogelijk openen | ik skydive, jij/hij skydivet | jij/hij skydivede | geskydived |
| skypen | telefoneren via internet | ik replacen/tdtdtd geshampood skype, jij/hij skypet | jij/hij skypete | geskypet |
| skysurfen | uit een vliegtuig of luchtballon springen met een board aan de voeten | ik skysurf, jij/hij skysurft | jij/hij skysurfte/ skysurfde | geskysurft/ geskysurfd |
| slacklinen | balanceren op het slappe touw (als sport) | ik slackline, jij/hij slacklinet | jij/hij slacklinede | geslacklined |
| slamdancen | dansen met hoge sprongen | ik slamdance, jij/hij slamdancet | jij/hij slamdancete | geslamdancet |
| slammen | poëzie rappen op een podium | jij/hij slamde | geslamd | |
| slenderen | afvallen | ik slender, jij/hij slendert | jij/hij slenderde | geslenderd |
| slicen | in plakken snijden; (tennis) de bal met een terugdraaiend effect slaan | ik slice, jij/hij slicet | jij/hij slicete | geslicet |
| sliden | een sliding maken | ik slide, jij/hij slidet | jij/hij slidede | geslided |
| /td /trtr table border= jij/hij samplede trtd slippen | schuiven, wegglijden, uitglijden | ik slip, jij/hij slipt | jij/hij slipte | geslipt |
| slitten | sleuven stansen in golfkarton | ik slit, jij/hij slit | jij/hij slitte | geslit |
| slowen | langzaam dansen | ik slow, jij/hij slowt | jij/hij slowde | geslowd |
| smashen | een smash slaan | ik smash, ji gererout jij/hij scriptte/td jij/hij shortcoverde /td magneetstrip van een betaalpasje kopi een sliding makenj/hij smasht | jij/hij smashte | gesmasht |
| smilen | glimlachen | ik smile, jij/hij smilet | jij/hij smilede | gesmiled |
| smirten | flirten tijdens het roken | ik smirt, jij/hij smirt | jij/hij smirtte | gesmirt |
| smoothen | verzachten; egaler maken | ik smooth, jij/hij smootht | jij/hij smoothte/smoothde | gesmootht/gesmoothd |
| sms'en | een sms-bericht sturen | ik sms, jij/hij sms't | jij/hij sms'te | ge-sms't |
| snacken | tussendoortjes eten | ik snack, jij/hij snackt | jij/hij snackte | gesnackt |
| snailmailen | per gewone post versturen | ik snailmail, jij/hij snailmailt | jij/hij snailmailde | gesnailmaild |
| sneeuwsurfen | surfen over de sneeuw | ik sneeuwsurf, jij/hij sneeuwsurft | jij/hij sneeuwsurfte/ sneeuwsurfde | gesneeuwsurft/ gesneeuwsurfd |
| sneldaten | een aantal zeer korte ontmoetingen achter elkaar houden | ik sneldate, jij/hij sneldatet | jij/hij sneldatete | gesneldatet |
| sniffen | (computer)gegevens 'uit de lucht plukken' | ik sniff, jij/hij snifft | jij/hij sniffte | gesnifft |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik snif, jij/hij snift | jij/hij snifte | gesnift | |
| snookeren | snooker spelen | ik snooker, jij/hij snookert | jij/hij snookerde | gesnookerd |
| snoozen | soezen in bed voor het opstaan; een wekker met tussenpozen laten afgaan | ik snooze, jij/hij snoozet | jij/hij snoozede | gesnoozed |
| snowboarden | sneeuwsurfen | ik snowboard, jij/hij snowboardt | jij/hij snowboardde | gesnowboard |
| socceren | voetbal spelen | ik soccer, jij/hij soccert | jij/hij soccerde | gesoccerd |
| socializen | informeel contact hebben met anderen | ik socialize, jij/hij socializet | jij/hij socializede | gesocialized |
| sofasurfen | tijdens reizen bij de lokale bevolking overnachten | ik sofasurf, jij/hij sofasurft | jij/hij sofasurfte/ sofasurfde | gesofasurft/ gesofasurfd |
| softballen | honkbal met een zachtere bal | ik softbal, jij/hij softbalt | jij/hij softbalde | gesoftbald |
| soften | intiem dansen | ik soft, jij/hij soft | jij/hij softte | gesoft |
| softsellen | verkopen zonder harde methoden | ik softsell, jij/hij softsellt | jij/hij softsellde | gesoftselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik softsel, jij/hij softselt | jij/hij softselde | gesoftseld | |
| soundchecken | nagaan of de geluidsweergave goed is | ik soundcheck, jij/hij soundcheckt | jij/hij soundcheckte | gesoundcheckt |
| soundmixen | geluiden op elkaar afstemmen; bekende liedjes zingen met een muziekband | ik soundmix, jij/hij soundmixt | jij/hij soundmixte | gesoundmixt |
| sourcen | bronnen beschikbaar maken | ik source, jij/hij sourcet | jij/hij sourcete | gesourcet |
| spacen | uit elkaar plaatsen | ik space, jij/hij spacet | jij/hij spacete | gespacet |
| spammen | spam versturen | ik spam, jij/hij spamt | jij/hij spamde | gespamd |
| sparren | oefenen met een partner, als oefenpartner fungeren, ideeën uitwisselen | ik spar, jij/hij spart | jij/hij sparde | gespard |
| spawnen | voortbrengen; verschijnen in computerspel | ik spawn, jij/hij spawnt | jij/hij spawnde | gespawnd |
| spearfishen | speervissen | ik spearfish, jij/hij spearfisht | jij/hij spearfishte | gespearfisht |
| speechen | een toespraak houden | ik speech, jij/hij speecht | jij/hij speechte | gespeecht |
| speeddaten | een aantal zeer korte ontmoetingen achter elkaar houden | ik speeddate, jij/hij speeddatet | jij/hij speeddatete | gespeeddatet |
| speeddialen | snel verbinding maken, met een sneltoets een nummer kiezen | ik speeddial, jij/hij speeddialt | jij/hij speeddialde | gespeeddiald |
| speedsurfen | met zeer hoge snelheid surfen | ik speedsurf, jij/hij speedsurft | jij/hij speedsurfte/ speedsurfde | gespeedsurft/ gespeedsurfd |
| spenden | uitgeven | ik spend, jij/hij spendt | jij/hij spendde | gespend |
| spideren | met bepaalde software het internet systematisch doorzoeken | ik spider, jij/hij spidert | jij/hij spiderde | gespiderd |
| spimmen | spam versturen via chatsites of chatprogramma's | ik spim, jij/hij spimt | jij/hij spimde | gespimd |
| spinnen | in een spin raken, tollen; de publieke opinie beïnvloeden; op een spinner sporten | ik spin, jij/hij spint | jij/hij spinde | gespind |
| splashen | spetteren | ik splash, jij/hij splasht | jij/hij splashte | gesplasht |
| splitten | uit elkaar gaan | ik split, jij/hij split | jij/hij splitte | gesplit |
| spoilen | bederven | ik spoil, jij/hij spoilt | jij/hij spoilde | gespoild |
| sponsoren | financieel ondersteunen | ik sponsor, jij/hij sponsort | jij/hij sponsorde | gesponsord |
| spoofen | je via een alias op internet presenteren | ik spoof, jij/hij spooft | jij/hij spoofte | gespooft |
| spoolen | dataverkeer regelen | ik spool, jij/hij spoolt | jij/hij spoolde | gespoold |
| sporten | aan sport doen | ik sport, jij/hij sport | jij/hij sportte | gesport |
| spotten | opmerken; bespieden | ik spot, jij/hij spot | jij/hij spotte | gespot |
| sprayen | vernevelen; sproeien | ik spray, jij/hij sprayt | jij/hij sprayde | gesprayd |
| spreadsheeten | een spreadsheet maken, met spreadsheets werken | ik spreadsheet, jij/hij spreadsheet | jij/hij spreadsheette | gespreadsheet |
| sprinten | snel rennen/fietsen/schaatsen e.d. over een korte afstand | ik sprint, jij/hij sprint | jij/hij sprintte | gesprint |
| spurten | zich haasten, rennen | ik spurt, jij/hij spurt | jij/hij spurtte | gespurt |
| squashen | squash spelen | ik squash, jij/hij squasht | jij/hij squashte | gesquasht |
| squatten | een domein kapen op internet; een kniebuiging maken met een gewicht op je nek | ik squat, jij/hij squat | jij/hij squatte | gesquat |
| squirten | spuitend klaarkomen (van een vrouw) | ik squirt, jij/zij squirt | jij/zij squirtte | gesquirt |
| stacken | stapelen; vetverbranders gebruiken | ik stack, jij/hij stackt | jij/hij stackte | gestackt |
| stagediven | vanaf een podium in het publiek duiken | ik stagedive, jij/hij stagedivet | jij/hij stagedivede | gestagedived |
| stagen | opvoeren op het toneel; | ik stage, jij/hij staget | jij/hij stagede | gestaged |
| stalken | iemand hinderlijk volgen; steeds lastigvallen | ik stalk, jij/hij stalkt | jij/hij stalkte | gestalkt |
| stand-uppen | als stand-up-comedian optreden | ik stand-up, jij/hij stand-upt | jij/hij stand-upte | gestand-upt |
| starten | beginnen, op gang brengen | ik start, jij/hij start | jij/hij startte | gestart |
| stashen | in het geheim opslaan | ik stash, jij/hij stasht | jij/hij stashte | gestasht |
| stayeren | als stayer rijden/schaatsen | ik stayer, jij/hij stayert | jij/hij stayerde | gestayerd |
| steamen | met geweld afpersen | ik steam, jij/hij steamt | jij/hij steamde | gesteamd |
| steeplechasen | aan een steeplechase meedoen | ik steeplechase, jij/hij steeplechaset | jij/hij steeplechasete | gesteeplechaset |
| stencilen | afdrukken | ik stencil, jij/hij stencilt | jij/hij stencilde | gestencild |
| stenotypen | stenogrammen opnemen en uitwerken | ik stenotyp, jij/hij stenotypt | jij/hij stenotypte | gestenotypt |
| steppen | fitness doen door op en van een bankje te stappen | ik step, jij/hij stept | jij/hij stepte | gestept |
| stickeren | stickers plakken | ik sticker, jij/hij stickert | jij/hij stickerde | gestickerd |
| stirren | de ingrediënten voor een cocktail roeren | ik stir, jij/hij stirt | jij/hij stirde | gestird |
| stockcarracen | aan een hardrijwedstrijd meedoen in een gewone auto | ik stockcarrace, jij/hij stockcarracet | jij/hij stockcarracete | gestockcarracet |
| stocken | opslaan | ik stock, jij/hij stockt | jij/hij stockte | gestockt |
| stockjobben | handelen in effecten | ik stockjob, jij/hij stockjobt | jij/hij stockjobde | gestockjobd |
| stockpicken | kansrijke effecten selecteren | ik stockpick, jij/hij stockpickt | jij/hij stockpickte | gestockpickt |
| stonewashen | met stenen wassen om slijtage te suggereren | ik stonewash, jij/hij stonewasht | jij/hij stonewashte | gestonewasht |
| storen | opslaan | ik store, jij/hij storet | jij/hij storede | gestored |
| straighten | ontkroezen | ik straight, jij/hij straight | jij/hij straightte | gestraight |
| streaken | naakt rondrennen | ik streak, jij/hij streakt | jij/hij streakte | gestreakt |
| streamen | tijdens het downloaden beluisteren of bekijken | ik stream, jij/hij streamt | jij/hij streamde | gestreamd |
| streetdancen | een acrobatische dans uitvoeren | ik streetdance, jij/hij streetdancet | jij/hij streetdancete | gestreetdancet |
| streetracen | een (illegale) hardrijwedstrijd met auto's op straat houden | ik streetrace, jij/hij streetracet | jij/hij streetracete | gestreetracet |
| stressen | zich druk maken; zich gehaast gedragen | ik stress, jij/hij stresst | jij/hij stresste | gestresst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik stres, jij/hij strest | jij/hij streste | gestrest | |
| stretchen | rek- en strekoefeningen doen | ik stretch, jij/hij stretcht | jij/hij stretchte | gestretcht |
| strippen | blootleggen; een striptease uitvoeren | ik strip, jij/hij stript | jij/hij stripte | gestript |
| stunten | onverwachte dingen doen | ik stunt, jij/hij stunt | jij/hij stuntte | gestunt |
| stylen | ontwerpen; vormgeven; een bepaalde stijl meegeven | ik style, jij/hij stylet | jij/hij stylede | gestyled |
| submitten | onderwerpen; insturen | ik submit, jij/hij submit | jij/hij submitte | gesubmit |
| subscriben | zich inschrijven | ik subscribe, jij/hij subscribet | jij/hij subscribede | gesubscribed |
| sucken | zuigen; vervelend zijn | ik suck, jij/hij suckt | jij/hij suckte | gesuckt |
| suen | voor het gerecht dagen | ik sue, jij/hij suet | jij/hij suede | gesued |
| In de officiële spelling: sueën | ik sue, jij/hij suet | jij/hij suede | gesued | |
| supervisen | toezicht hebben | ik supervise, jij/hij superviset | jij/hij supervisede | gesupervised |
| supplyen | bevoorraden | ik supply, jij/hij supplyt | jij/hij supplyde | gesupplyd |
| supporten | steunen | ik support, jij/hij support | jij/hij supportte | gesupport |
| surfboarden | op een surfboard zitten | ik surfboard, jij/hij surfboardt | jij/hij surfboardde | gesurfboard |
| surfen | plankzeilen | ik surf, jij/hij surft | jij/hij surfte/ surfde | gesurft/ gesurfd |
| surrounden | geluid instellen | ik surround, jij/hij surroundt | jij/hij surroundde | gesurround |
| surveyen | onderzoeken | ik survey, jij/hij surveyt | jij/hij surveyde | gesurveyd |
| survivallen | aan een overlevingstocht meedoen | ik survival, jij/hij survivalt | jij/hij survivalde | gesurvivald |
| swappen | ruilen; wisselen | ik swap, jij/hij swapt | jij/hij swapte | geswapt |
| sweepen | controleren op de aanwezigheid van afluisterapparatuur | ik sweep, jij/hij sweept | jij/hij sweepte | gesweept |
| swingen | dansen; aan partnerruil doen | ik swing, jij/hij swingt | jij/hij swingde | geswingd |
| swipen | bladeren op een aanraakscherm | ik swipe, jij/hij swipet | jij/hij swipete | geswipet |
| switchen | omschakelen; van plaats wisselen | ik switch, jij/hij switcht | jij/hij switchte | geswitcht |
| swypen | typen met Swype op een aanraakscherm | ik swype, jij/hij swypet | jij/hij swypete | geswypet |
| syncen | synchroniseren | ik sync, jij/hij synct | jij/hij syncte | gesynct |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r s T u v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| tackelen | van de bal zetten; te lijf gaan | ik tackel, jij/hij tackelt | jij/hij tackelde | getackeld |
| taggen | een merk geven; labels hechten aan | ik tag, jij/hij tagt | jij/hij tagde | getagd |
| talentscouten | talenten zoeken | ik talentscout, jij/hij talentscout | jij/hij talentscoutte | getalentscout |
| tallyen | vastleggen wat gelost of geladen wordt | ik tally, jij/hij tallyt | jij/hij tallyde | getallyd |
| tapdancen | dansen waarbij de schoenzolen een klikkend geluid maken, tapdansen | ik tapdance, jij/hij tapdancet | jij/hij tapdancete | getapdancet |
| tapen | met tape vastmaken; op tape vastleggen; bandageren | ik tape, jij/hij tapet | jij/hij tapete | getapet |
| tappen | tapdansen; op een aanraakscherm tikken | ik tap, jij/hij tapt | jij/hij tapte | getapt |
| targeten | richten, afstemmen op | ik target, jij/hij target | jij/hij targette | getarget |
| taseren | een stroomstootwapen gebruiken | ik taser, jij/hij tasert | jij/hij taserde | getaserd |
| taxiën | (van een vliegtuig) over de startbaan rijden | ik taxi, jij/hij taxiet | jij/hij taxiede | getaxied |
| teaën | uitgebreid thee drinken in de namiddag | ik tea, jij/hij teat | jij/hij teade | getead |
| teambuilden | de onderlinge band van een groep versterken | ik teambuild, jij/hij teambuildt | jij/hij teambuildde | geteambuild |
| teasen | plagen; prikkelen | ik tease, jij/hij teast | jij/hij teasde | geteasd |
| In de officiële spelling: | ik tease, jij/hij teaset | jij/hij teasede | geteased | |
| technoleasen | kennis verkopen en vervolgens terughuren | ik technolease, jij/hij technoleast | jij/hij technoleasde/ technoleaste | getechnoleast/ getechnoleasd |
| In de officiële spelling: | ik technolease, jij/hij technoleaset | jij/hij technoleasede/ technoleasete | getechnoleaset/ getechnoleased | |
| tegenscoren | een tegendoelpunt maken | ik scoor tegen, jij/hij scoort tegen | jij/hij scoorde tegen | tegengescoord |
| telemarketen | telefonisch verkopen | ik telemarket, jij/hij telemarket | jij/hij telemarkette | getelemarket |
| teleshoppen | elektronisch winkelen | ik teleshop, jij/hij teleshopt | jij/hij teleshopte | geteleshopt |
| tenderen | gezamenlijk inschrijven op een project | ik tender, jij/hij tendert | jij/hij tenderde | getenderd |
| terugmailen | antwoorden via e-mail | ik mail terug, jij/hij mailt terug | jij/hij mailde terug | teruggemaild |
| terug-sms'en | antwoorden via sms | ik sms terug, jij/hij sms't terug | jij/hij sms'te terug | terugge-sms't |
| testen | door middel van een test onderzoeken | ik test, jij/hij test | jij/hij testte | getest |
| tetheren | internetten op je laptop met je iPhone als modem | ik tether, jij/hij tethert | jij/hij tetherde | getetherd |
| texten | sms'en | ik text, jij/hij text | jij/hij textte | getext |
| throttlen | afknijpen (van 'streaming' content of informatie op internet) | ik throttle, jij/hij throttlet | jij/hij throttlede | gethrottled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: throttelen | ik throttel, jij/hij throttelt | jij/hij throttelde | gethrotteld | |
| tiewrappen | iets samenbinden met een kabelbinder/bundelbandje | ik tiewrap, jij/hij tiewrap | jij/hij tiewrap | getiewrapt |
| timen | doen plaatsvinden op het juiste tijdstip, klokken | ik time, jij/hij timet | jij/hij timede | getimed |
| timelapsen | het snel achter elkaar vertonen van foto's, zodat beweging gesuggereerd wordt | ik timelapse, jij/hij timelapst | jij/hij timelapste | getimelapst |
| timesharen | je gebruik van iets met andere gebruikers afstemmen | ik timeshare, jij/hij timesharet | jij/hij timesharede | getimeshared |
| tipp-exen | met correctievloeistof verwijderen | ik tipp-ex, jij/hij tipp-ext | jij/hij tipp-exte | getipp-ext |
| toasten | roosteren | ik toast, jij/hij toast | jij/hij toastte | getoast |
| topcoaten | extra beschermingslaag aanbrengen | ik topcoat, jij/hij topcoat | jij/hij topcoatte | getopcoat |
| torrenten | gegevens uitwisselen | ik torrent, jij/hij torrent | jij/hij torrentte | getorrent |
| tossen | een munt opgooien | ik toss, jij/hij tosst | jij/hij tosste | getosst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik tos, jij/hij tost | jij/hij toste | getost | |
| touren | op tournee zijn | ik tour, jij/hij tourt | jij/hij tourde | getourd |
| tracen | opsporen | ik trace, jij/hij tracet | jij/hij tracete | getracet |
| trackbacken | op een weblog een automatische verwijzing aanbrengen naar een ander weblog | ik trackback, jij/hij trackbackt | jij/hij trackbackte | getrackbackt |
| tracken | volgen; bepalen waar iets/iemand zich bevindt | ik track, jij/hij trackt | jij/hij trackte | getrackt |
| tractorpullen | met een tractor zware dingen verslepen (als sport) | ik tractorpull, jij/hij tractorpullt | jij/hij tractorpullde | getractorpulld |
| traden | handelen; ruilen | ik trade, jij/hij tradet | jij/hij tradede | getraded |
| trainen | oefenen, africhten | ik train, jij/hij traint | jij/hij trainde | getraind |
| transferren | overboeken; van club wisselen | ik transfer, jij/hij transfert | jij/hij transferde | getransferd |
| transformen | een andere gedaante geven | ik transform, jij/hij transformt | jij/hij transformde | getransformd |
| trashen | weggooien | ik trash, jij/hij trasht | jij/hij trashte | getrasht |
| trawlen | vissen met een trawl | ik trawl, jij/hij trawlt | jij/hij trawlde | getrawld |
| trendhoppen | telkens de nieuwe trend volgen | ik trendhop, jij/hij trendhopt | jij/hij trendhopte | getrendhopt |
| trendsetten | de eerste zijn bij een nieuwe trend | /tdtd td ik trendset, jij/hij trendset | jij/hij trendsette | getrendset |
| trendwatchen | trends opmerken | ik trendwatch, jij/hij trendwatcht | jij/hij trendwatchte | getrendwatcht |
| trialen | testen | ik trial, jij/hij trialt | jij/hij trialde | getriald |
| triggeren | uitlokken | ik trigger, jij/hij triggert | jij/hij triggerde | getriggerd |
| triken | rijden op een mot td sparreno orvoertuig met drie wielen | ik trike, jij/hij triket | jij/hij trikete | getriket |
| trimmen | aan de conditie werken; haar van een hond bijwerken | ik trim, jij/hij trimt | jij/hij trimde | getrimd |
| trippen | hallucinaties krijgen door drugsgebruik | ik trip, jij/hij tript | jij/hij tripte | getript |
| trollen | met sleeplijn of -hengel vissen; de sfeer op een weblog of website verpesten | ik troll, jij/hij trollt | jij/hij trollde | getrolld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik trol, jij/hij trolt | jij/hij trolde | getrold | |
| troubleshooten | problemen oplossen | ik troubleshoot, jij/hij troubleshoot | jij/hij troubleshootte | getroubleshoot |
| trucken | als vrachtwagenchauffeur werken | ik truck, jij/hij truckt | jij/hij truckte | getruckt |
| try-outen | een proefvoorstelling spelen | ik try-out, jij/hij try-out | jij/hij try-outte | getry-out |
| tuben | filmpjes op YouTube plaatsen/bekijken | ik tube, jij/hij tubet | jij/hij tubede | getubed |
| tunen | afstellen; (van auto's) aanpassen aan eigen smaak | ik tune, jij/hij tunet | jij/hij tunede | getuned |
| turnen | gymnastische oefeningen doen | ik turn, jij/hij turnt | jij/hij turnde | geturnd |
| tweaken | software en hardware met minimale veranderingen optimaliseren | ik tweak, jij/hij tweakt | jij/hij tweakte | getweakt |
| tweeten | een bericht (tweet) plaatsen op Twitter | ik tweet, jij/hij tweet | jij/hij tweette | getweet |
| twirlen | jongleren (door majorettes) | ik twirl, jij/hij twirlt | jij/hij twirlde | getwirld |
| twisten | de twist dansen | ik twist, jij/hij twist | jij/hij twistte | getwist |
| twitteren | korte blogberichten met bekenden uitwisselen | ik twitter, jij/hij twittert | jij/hij twitterde | getwitterd |
| twooshen | een Twitterbericht plaatsen met de maximale lengte (140 tekens) | ik twoosh, jij/hij twoosht | jij/hij twooshte | getwoosht |
| typecasten | (steeds) selecteren voor een (bepaalde) rol | ik typecast, jij/hij typecast | jij/hij typecastte | getypecast |
| typen | op een toetsenbord/schrijfmachine tikken | ik typ, jij/hij typt | jij/hij typte | getypt |
| typesetten | tekst opmaken | ik typeset, jij/hij typeset | jij/hij typesette | getypeset |
| typosquatten | een domeinnaam registreren en exploiteren die sterk lijkt op die van een zeer bekende website | ik typosquat, jij/hij typosquat | jij/hij typosquatte | getyposquat |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t U v w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| uitbowlen | (cricket) door bowlen uitmaken | ik bowl uit, jij/hij bowlt uit | jij/hij bowlde uit | uitgebowld |
| uitcasten | testen op de geschiktheid voor een rol | ik cast uit, jij/hij cast uit | jij/hij castte uit | uitgecast |
| uitchecken | (zich) (laten) uitschrijven bij een hotel e.d.; beoordelen op aantrekkelijkheid | ik check uit, jij/hij checkt uit | jij/hij checkte uit | uitgecheckt |
| uitfaden | geleidelijk laten vervagen | ik fade uit, jij/hij fadet uit | jij/hij fadede uit | uitgefaded |
| uitfreaken | genieten van; afknappen op | ik freak uit, jij/hij freakt uit | jij/hij freakte uit | uitgefreakt |
| uitloggen | doorlopen van de procedure om de verbinding te verbreken | ik log uit, jij/hij logt uit | jij/hij logde uit | uitgelogd |
| uitprinten | afdrukken | ik print uit, jij/hij print uit | jij/hij printte uit | uitgeprint |
| uittesten | uitproberen | ik test uit, jij/hij test uit | jij/hij testte uit | uitgetest |
| uittypen | uittikken | ik typ uit, jij/hij typt uit | jij/hij typte uit | uitgetypt |
| uitzoomen | met een zoomlens het beeld verder van zich af brengen | ik zoom uit, jij/hij zoomt uit | jij/hij zoomde uit | uitgezoomd |
| underacten | ingehouden acteren | ik underact, jij/hij underact | jij/hij underactte | geünderact |
| underperformen | (van fondsen) slecht presteren | het underperformt | het underperformde | geünderperformd |
| undoën | ongedaan maken | ik undo, jij/hij undot | jij/hij undode | geündod |
| unfollowen | stoppen te volgen op Twitter | ik unfollow, jij/hij unfollowt | jij/hij unfollowde | geünfollowd |
| unfrienden | contacten schrappen uit een online vriendennetwerk | ik unfriend, jij/hij unfriendt | jij/hij unfriendde | geünfriend |
| uninstallen | deïnstalleren | ik uninstall, jij/hij uninstallt | jij/hij uninstallde | geüninstalld |
| unloaden | ontladen, uitladen | ik unload, jij/hij unloadt | jij/hij unloadde | geünload |
| unlocken | ontsluiten, met name de beveiliging van een apparaat uitschakelen | ik unlock, jij/hij unlockt | jij/hij unlockte | geünlockt |
| unpacken | uitpakken | ik unpack, jij/hij unpackt | jij/hij unpackte | geünpackt |
| unsubscriben | zich uitschrijven | ik unsubscribe, jij/hij unsubscribet | jij/hij unsubscribede | geünsubscribed |
| unwrappen | uitpakken | ik unwrap, jij/hij unwrapt | jij/hij unwrapte | geünwrapt |
| unzippen | decomprimeren; uitpakken | ik unzip, jij/hij unzipt | jij/hij unzipte | geünzipt |
| upcyclen | hergebruiken en er een beter product van maken | ik upcycle, jij/hij upcyclet | jij/hij upcyclede | geüpcycled |
| updaten | bijwerken; actualiseren | ik update, jij/hij updatet | jij/hij updatete | geüpdatet |
| upgraden | verbeteren; een nieuwere versie installeren | ik upgrade, jij/hij upgradet | jij/hij upgradede | geüpgraded |
| uphillen | met fiets/skates een heuvel op rijden | ik uphill, jij/hij uphillt | jij/hij uphillde | geüphilld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik uphil, jij/hij uphilt | jij/hij uphilde | geüphild | |
| uploaden | op een server plaatsen | ik upload, jij/hij uploadt | jij/hij uploadde | geüpload |
| uppen | op een server plaatsen | ik up, jij/hij upt | jij/hij upte | geüpt |
| upscalen | op een grotere schaal brengen | ik upscale, jij/hij upscalet | jij/hij upscalede | ge&¨pscaled |
| upsellen | meer verkopen | ik upsell, jij/hij upsellt | jij/hij upsellde | geüpselld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik upsel, jij/hij upselt | jij/hij upselde | geüpseld | |
| upshaken | opschudding veroorzaken bij | ik upshake, jij/hij upshaket | jij/hij upshakete | geüpshaket |
| upsizen | groter maken | ik upsize, jij/hij upsizet | jij/hij upsizede | geüpsized |
| upskirten | stiekem vrouwen onder hun rok filmen/fotograferen en dit beeldmateriaal op internet zetten | ik upskirt, jij/hij upskirt | jij/hij upskirtte | geüpskirt |
| upteamen | samenwerken | ik upteam, jij/hij upteamt | jij/hij upteamde | geüpteamd |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u V w x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| verleasen | verhuren | ik verlease, jij/hij verleast | jij/hij verleaste/ verleasde | verleast/ verleasd |
| In de officiële spelling: | ik verlease, jij/hij verleaset | jij/hij verleasete/ verleasede | verleaset/ verleased | |
| viben | op een bepaalde manier dansen | ik vibe, jij/hij vibet | jij/hij vibede | gevibed |
| videoconferencen | via een beeldscherm (mee)vergaderen | ik videoconference, jij/hij videoconferencet | jij/hij videoconferencete | gevideoconferencet |
| videologgen | een weblog met video's bijhouden | ik videolog, jij/hij videologt | jij/hij videologde | gevideologd |
| videotapen | op videoband zetten | ik videotape, jij/hij videotapet | jij/hij videotapet | gevideotapet |
| viewen | kijken | ik view, jij/hij viewt | jij/hij viewde | geviewd |
| visualizen | visualiseren | ik visualize, jij/hij visualizet | jij/hij visualizede | gevisualized |
| vloggen | een weblog met video's bijhouden | ik vlog, jij/hij vlogt | jij/hij vlogde | gevlogd |
| voguen | dansen met bepaalde poses | ik vogue, jij/hij voguet | jij/hij voguede | gevogued |
| voipen | telefoneren via internet | ik voip, jij/hij voipt | jij/hij voipte | gevoipt |
| volleyballen | volleybal spelen | ik volleybal, jij/hij volleybalt | jij/hij volleybalde | gevolleybald |
| volleyen | volleybal spelen; een volley slaan | ik volley, jij/hij volleyt | jij/hij volleyde | gevolleyd |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v W x y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| wakeboarden | waterskiën op een brede ski | ik wakeboard, jij/hij wakeboardt | jij/hij wakeboardde | gewakeboard |
| wappen | internetten of e-mailen via een wapverbinding | ik wap, jij/hij wapt | jij/hij wapte | gewapt |
| wardriven | rondrijden met een auto en een computer uitgerust met wifi-apparatuur | ik wardrive, jij/hij wardrivet | jij/hij wardrivede | gewardrived |
| wasten | verloren laten gaan | ik waste, jij/hij wastet | jij/hij wastete | gewastet |
| waterpoloën | waterpolo spelen | ik waterpolo, jij/hij waterpoloot | jij/hij waterpolode | gewaterpolood |
| waven | de 'wave' doen (snel na elkaar opstaan zodat een golfbeweging ontstaat) | ik wave, jij/hij wavet | jij/hij wavede | gewaved |
| waxen | met was behandelen | ik wax, jij/hij waxt | jij/hij waxte | gewaxt |
| webcammen | met een webcam opnames maken | ik webcam, jij/hij webcamt | jij/hij webcamde | gewebcamd |
| webcasten | uitzenden op het web | ik webcast, jij/hij webcast | jij/hij webcastte | gewebcast |
| webdaten | contact leggen via het web | ik webdate, jij/hij webdatet | jij/hij webdatete | gewebdatet |
| webenablen | direct op het internet (laten) aansluiten | ik webenable, jij/hij webenablet | jij/hij webenablede | gewebenabled |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: webenabelen | ik webenabel, jij/hij webenabelt | jij/hij webenabelde | gewebenabeld | |
| webhosten | een website faciliteren | ik webhost, jij/hij webhost | jij/hij webhostte | gewebhost |
| webloggen | een weblog bijhouden | ik weblog, jij/hij weblogt | jij/hij weblogde | geweblogd |
| websurfen | internetten | ik websurf, jij/hij websurft | jij/hij websurfte/ websurfde | gewebsurft/ gewebsurfd |
| webvertisen | adverteren op internet | ik webvertise, jij/hij webvertiset | jij/hij webvertisede | gewebvertised |
| weightwatchen | een bepaald dieet volgen | ik weightwatch, jij/hij weightwatcht | jij/hij weightwatchte | geweightwatcht |
| whatsappen | het chatprogramma Whatsapp gebruiken | ik whatsapp, jij/hij whatsappt | jij/hij whatsappte | gewhatsappt |
| wheelen en dealen | regelen, ritselen | ik wheel en deal, jij/hij wheelt en dealt | jij/hij wheelde en dealde | gewheeld en gedeald |
| whiffen | de bal compleet missen bij golf | ik whiff, jij/hij whifft | jij/hij whiffte | gewhifft |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik whif, jij/hij whift | jij/hij whifte | gewhift | |
| whisten | whist spelen | ik whist, jij/hij whist | jij/hij whistte | gewhist |
| whitelisten | op een witte lijst zetten | ik whitelist, jij/hij whitelist | jij/hij whitelistte | gewhitelist |
| wifeswappen | aan partnerruil doen | ik wifeswap, jij/hij wifeswapt | jij/hij wifeswapte | gewifeswapt |
| wiiën | met een Nintendo Wii spelen | ik wii, jij/hij wiit | jij/hij wiide | gewiid |
| wildwaterraften | met een vlot varen | ik wildwaterraft, jij/hij wildwaterraft | jij/hij wildwaterraftte | gewildwaterraft |
| wilfen | tijdens het internetten vergeten waar je naar op zoek was; ronddwalen op internet | ik wilf, jij/hij wilft | jij/hij wilfte | gewilft |
| windowdressen | opsmukken | ik windowdress, jij/hij windowdresst | jij/hij windowdresste | gewindowdresst |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik windowdres, jij/hij windowdrest | jij/hij windowdreste | gewindowdrest | |
| windowshoppen | etalages bekijken | ik windowshop, jij/hij windowshopt | jij/hij windowshopte | gewindowshopt |
| windsurfen | plankzeilen | ik windsurf, jij/hij windsurft | jij/hij windsurfte/ windsurfde | gewindsurft/ gewindsurfd |
| wiren | telegraferen | ik wire, jij/hij wiret | jij/hij wirede | gewired |
| wirewrappen | bedrading van technische apparatuur omwikkelen | ik wirewrap, jij/hij wirewrapt | jij/hij wirewrapte | gewirewrapt |
| wordfeuden | Wordfeud spelen | ik wordfeud, jij/hij wordfeudt | jij/hij wordfeudde | gewordfeud |
| workshoppen | een workshop volgen | ik workshop, jij/hij workshopt | jij/hij workshopte | geworkshopt |
| worryen | zich zorgen maken | ik worry, jij/hij worryt | jij/hij worryde | geworryd |
| wrappen | wraps eten/klaarmaken; inpakken | ik wrap, jij/hij wrapt | jij/hij wrapte | gewrapt |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w X y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| xeroxen | kopiëren | ik xerox, jij/hij xeroxt | jij/hij xeroxte | gexeroxt |
| xoipen | e-mail-, voicemail- en faxberichten via internet naar je e-mailadres of mobiele telefoon laten versturen | ik xoip, jij/hij xoipt | jij/hij xoipte | gexoipt |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x Y z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| yahooën | de website Yahoo gebruiken voor bijv. e-mail of zoeken | ik yahoo, jij/hij yahoot | jij/hij yahoode | geyahood |
| yammeren | informatie delen via Yammer | ik yammer, jij/hij yammert | jij/hij yammerde | geyammerd |
| yellen | aanmoedigen | ik yell, jij/hij yellt | jij/hij yellde | geyelld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik yel, jij/hij yelt | jij/hij yelde | geyeld | |
| yielden | opleveren; winst maken | ik yield, jij/hij yieldt | jij/hij yieldde | geyield |
| youtuben | een filmpje op YouTube zetten/bekijken | ik youtube, jij/hij youtubet | jij/hij youtubede | geyoutubed |
begin a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y Z
| werkwoord | betekenis |
onvoltooid tegenwoordige tijd |
onvoltooid verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| zaalhockeyen | zaalhockey spelen | ik zaalhockey, jij/hij zaalhockeyt | jij/hij zaalhockeyde | gezaalhockeyd |
| zandsurfen | op een soort surfplank vanaf een zandduin naar beneden glijden | ik zandsurf, jij/hij zandsurft | jij/hij zandsurfte/ met een tractor zware dingen verslepen (als sport)tdtd geturnda href= jij/hij wavede/td/tdbbetekenis zandsurfde | gezandsurft/ gezandsurfd |
| zappen | van tv-zender naar tv-zender schakelen ('kanaalzwemmen') | ik zap, jij/hij zapt | jij/hij zapte | gezapt |
| zenderhoppen | zie zappen | ik zenderhop, jij/hij zenderhopt | jij/hij zenderhopte | gezenderhopt |
| zerofillen | alle data op een computerschijf overschrijven | ik zerofill, jij/hij zerofillt | jij/hij zerofillde | gezerofilld |
| Ook mogelijk, en in de officiële spelling alleen juist: | ik zerofil, jij/hij zerofilt | jij/hij zerofilde | gezerofild | |
| zippen | bestanden kleiner maken, comprimeren | ik zip, jij/hij zipt | jij/hij zipte | gezipt |
| zoomen | fotograferen met een zoomlens; het beeld dichterbij halen | ik zoom, jij/hij zoomt | jij/hij zoomde | gezoomd |
/td
Verwante adviezen
- Barbecuen / barbecueën
- Basketbalde, baseballde
- E-mailen: geë-maild / ge-e-maild
- Engelse woorden in Nederlandse tekst
- Googelen / googlen
- Grillen: gegrilld / gegrild
- Leasen: leasede / leasde / leasete / leaste
- Racen: geraced / geracet
- Sms’en / sms-en




